Paella of hutspot?

De ambtenaren op het stadhuis van Utrecht werken niet alleen in het halfduister, maar ook in een omgeving van zinken buizen, golvende daken, spookvensters en struikelblokken. Vanuit een cakewalk kijken ze uit op een schroothoop. De ambtenaren van Utrecht zijn lichtschuw en tuimelbestendig. Die orgie van wasbekkens, vrijzwevende dakgoten en klimrekken die in een Napolitaanse achterbuurt niet zou misstaan, verkondigt in Utrecht: hier houdt alleen het standvastigste deel van de bevolking het uit, hier wordt met ontzegging van iedere levensvreugde, ja met zelfverachting voor u geploeterd, hier wil en kan niemand anders zetelen dan de ambtenaar.

Ik had al langer het vermoeden dat architect synoniem was met sadist. Als daar nog een bewijs voor nodig is, kan ik het stadhuis van Utrecht aanbevelen. Architectuurstudenten uit de hele wereld komen aangereisd om deze martelkamer te bewonderen. Ze popelen om zelf aan de slag te gaan.

Aan het eind van de vorige eeuw kreeg de Spaanse architect Enric Miralles de opdracht van het stadhuis „een open, transparant en toegankelijk gebouw te maken”. Ik citeer de ambtenaren. „De keus voor Miralles is vooral gebaseerd op zijn respect voor de geschiedenis, gecombineerd met zijn vernieuwende en gedurfde architectuur. Miralles wordt vooral geroemd om de manier waarop hij oud en nieuw heeft verweven.” Ze kunnen het prachtig zeggen, in die kringen. Ik lees ook nog dat de nieuwe, aangeplakte gevel „met zijn ritme van kozijnen en geveldelen verwijst naar de middeleeuwse Hollandse architectuur” en dat Miralles „een Spaans temperament heeft toegevoegd”.

Bouillabaisse-architectuur, opgewarmde kliekjes. Van alles een beetje. Utrechts en Spaans, oud en nieuw, middeleeuws en gedurfd. Ik lees verder en zie dat ik me verkeerd uitdruk. Miralles Werkt In Deconstructivistische Stijl. Wikipedia: „Het deconstructivisme is een eigentijdse stroming in de architectuur die ervan uitgaat dat de maatschappij verwarrend en onzeker is.”

Waarom schrijf je zo chaotisch? vroeg ik een collega. Omdat de wereld chaotisch is, domoor. „Het afleesbaar worden van de geschiedenis staat voorop”, schijnt Miralles zelf geschreven te hebben. Wat moet je anders beweren als je een oud karkas moet opknappen? Een architect kan er iets historiserends bij bouwen. Daar heeft hij vanzelf geen zin in. In iets nieuws had Miralles ook geen zin. Hij smakte er een paar souvenirs van zijn woede tegenaan en noemde dat deconstructivisme. Hij moet hevig hebben gedacht aan de ziel van de loketambtenaar.

    • Gerrit Komrij