Zardari is in feite machteloos gemaakt

De Pakistaanse president Zardari staat onder druk na een vonnis over corruptie.

De grote winnaars zijn de militairen. „Zardari moet nu buigen voor het leger.”

Trots? „Ik ben veel te oud om me nog ergens trots over te voelen”, zegt Mubashir Hassan (88), ooit samen met de roemruchte, dertig jaar geleden opgehangen premier Zulfikar Ali Bhutto wegbereider van een waarlijk socialistisch Pakistan. Een land waar de gewone man – niet militairen, feodale landheren of religieuze fundamentalisten – het voor het zeggen heeft.

In zijn huis in Lahore, waar hij zich heeft genesteld in een leunstoel voor de gaskachel, werd op 30 november 1967 de Pakistaanse Volkspartij (PPP) opgericht. Als minister van Financiën nationaliseerde hij vier jaar later alle banken in Pakistan.

Maar Mubashir is niet alleen een weemoedige stem uit vervlogen dagen. Hij is volop terug in het nieuws. Samen met anderen heeft hij de aanzet gegeven tot een baanbrekend vonnis van het Hooggerechtshof, dat de politieke verhoudingen in Pakistan op scherp heeft gezet. Mede door zijn toedoen is de positie van de omstreden president Asif Ali Zardari, weduwnaar van de twee jaar geleden vermoorde Benazir Bhutto, onder grote druk komen te staan.

Mubashirs naam als ‘klager’ prijkt prominent in de vernietigende uitspraak die het Hooggerechtshof afgelopen week deed over het zogenoemde Nationaal Verzoeningsbesluit uit 2007. Dat is de wet waarin toenmalig president en legerleider Pervez Musharraf de afspraken vastlegde met oud-premier Benazir Bhutto over haar terugkeer uit ballingschap. Volgens de amnestieregeling worden oude zaken wegens corruptie met rust gelaten. Zo kon Benazir weer een politieke rol gaan spelen in haar vaderland en hoopte de generaal aan te kunnen blijven als president.

Misschien een slim politiek compromis, maar wel een dat neerkomt op het legitimeren van corruptie, vond Mubashir. Hij tekende protest aan bij het hof. Nu, twee jaar later, is hij in het gelijk gesteld. Sommige commentatoren betitelden hem als een ‘held’. Zelf houdt hij niet van zulke grote woorden. „Maar ik ben natuurlijk wel tevreden”, zegt hij. „Pakistan geldt als een van de meest corrupte landen ter wereld. Als het Hooggerechtshof dan zo’n uitspraak doet, is dat natuurlijk goed. Een regering behoort niet corrupt te zijn.”

Het vonnis heeft grote beroering veroorzaakt. Velen zeggen dat de van corruptie beschuldigde president Zardari, die vele jaren vastzat maar nooit is veroordeeld, op morele gronden moet aftreden – als president geniet hij immuniteit. Maar Zardari en het partijkader van de regerende PPP willen daar niets van weten. Zij zeggen dat de corruptieaanklachten politiek gemotiveerd waren.

Net als Mubashir juichen commentatoren het toe dat corruptiebestrijding serieus ter hand wordt genomen onder regie van het hof. Maar er is ook kritiek. De bekende jurist Ashma Jahangir, voorzitter van de Pakistaanse Mensenrechten Commissie, schrijft dat het vonnis van het hof eerder politiek dan principieel is. Vooral mensen uit de entourage van Bhutto en de PPP worden getroffen. Het vonnis kan leiden tot politieke „heksenjachten”, vreest zij.

Analist Ayesha Siddiqa uit Islamabad heeft die twijfels ook. Het vonnis verscherpt de politieke scheidslijnen. Musharraf, de generaal die de amnestiewet opstelde en die nu in zelfgekozen ballingschap in Londen verblijft, blijft buiten schot. En de grote winnaars zijn de militairen, stelt ze vast.

De positie van Zardari is danig verzwakt. „Hij is in feite machteloos gemaakt”, zegt Siddiqa. „Pakistan is er per saldo een paar stappen op achteruit gegaan. Het democratisch proces en de civiele instituties worden er niet door versterkt, maar juist verzwakt.” President Zardari moet nu buigen voor het leger, zegt Siddiqa. Met dank aan het Hooggerechtshof. Zardari’s eigen fout? „Hij heeft de macht van het apparaat onderschat.”

De militairen hebben sinds de onafhankelijkheid zes presidenten en vijftien premiers naar huis gestuurd en vier parlementen ontbonden. Het meest dramatische slachtoffer was zijn eigen voorman, Zulfikar Bhutto, die werd geëxecuteerd door legerleider Zia ul-Haq.

Na de dood van Zulfikar Bhutto raakte de PPP van haar socialistische koers af, zegt Mubashir. Benazir Bhutto en haar entourage, onder wie echtgenoot Zardari, waren meer geïnteresseerd in persoonlijk winstbejag dan in lotsverbetering van de gewone man. Teleurgesteld keerde Mubashir zich af van de partij.

De veteraan weigert in termen van wraak te denken. „Toen ik twee jaar geleden deze zaak aanspande, was Zardari nog helemaal geen president.” Bovendien: „Zardari is het niet waard om wraak op te nemen. Niemand vindt hem geloofwaardig.”