Van journalist 1.0 naar 2.0

Journalist Femke van Zeijl onderzocht het stadsleven in zes Afrikaanse steden.

Ze schreef erover in nrc.next, publiceerde op een weblog en maakte filmbeelden.

Zelfs mijn fototoestel nam ik aanvankelijk met tegenzin ter hand. Toen ik in de zomer van 2008 in de Mozambikaanse hoofdstad Maputo onderzoek deed naar de lokale onderwereld, mopperde ik nog over ‘die rotfoto’s’ voor het weblog. Op reportage in een coffeeshop pakte ik mijn camera en de sfeer was meteen verpest. Als schrijvende journalist vond ik bovendien dat fotograferen een ander vak was. Niemand had durven voorspellen dat ik anderhalf jaar later verslingerd zou zijn geraakt aan iets nóg multimedialers: filmen.

Voordat ik dit najaar afreisde naar Bobo Dioulasso in Burkina Faso, de laatste stad die ik portretteer voor mijn boek over het Afrikaanse stadsleven, kondigde ik op de redactie van nrc.next aan dat ik zou proberen korte filmpjes te maken. Mijn invalshoek – kijken naar de rol van muziek en dans in die stad – leende zich bij uitstek voor bewegend beeld en het leek mij een mooie aanvulling op mijn blog. Het was een experiment, ik had nog nooit gedraaid, laat staan gemonteerd.

Toen ik in Bobo aan de slag ging, bleek al gauw dat ik in een filmpje van anderhalve minuut veel meer kon laten zien dan ik had gedacht. Hoe een stad klinkt waar vooral brommers rijden, hoe het rode zand stuift in de straten. Ik kreeg er bovendien plezier in meerdere verhaallijnen in één filmpje te verwerken. Bij het videoportret van een 21-jarige xylofonist die zijn troost zoekt in de muziek, staat steeds een glas dolo, het traditionele gierstbier, in beeld. De jongeman vindt zijn troost niet enkel in de muziek, kon ik daarmee zonder woorden zeggen. Mijn beschrijving van de minutenlange Burkinese begroetingsrituelen versterkte ik met opnames van vijf ontmoetingen. Dat de ondertiteling de beleefdheidsfrasen niet eens kan bijhouden, spreekt boekdelen.

Een jaar of tien geleden was het nauwelijks mogelijk geweest zo autonoom aan de slag te gaan met een nieuw medium. Dat kon ik alleen doen bij gratie van de gebruiksvriendelijkheid van de techniek van vandaag: een videofunctie op mijn kleine fotocamera en een kant-en-klaar programma op mijn computer, waarmee ook dummies een video in elkaar kunnen zetten. Daardoor kon ik zelfs een videoclip draaien voor een bevriende Bobolese zanger. De clip draait momenteel dagelijks op de Burkinese televisie.

Dat iedere beginner een camera ter hand kan nemen, kun je zien als een bedreiging voor professionals. Je kunt het ook opvatten als een zegen: hoe minder de techniek een belemmering vormt voor journalistieke uitingen, hoe meer de ware kwaliteit zal komen bovendrijven.

Na ruim anderhalf jaar zwerven door Afrika en een verblijf in zes verschillende Afrikaanse steden, ben ik nu voorlopig aan huis gekluisterd, schrijvend aan mijn boek over het stadsleven op dat continent. Dat is wat mij betreft de kroon op dit langlopende crossmediale project.

Want hoezeer ik de mogelijkheden van video ook ben gaan waarderen, ik leg beslist mijn pen niet neer. Daarvoor vind ik de interactie te waardevol die ontstaat tussen mij en de wereld die ik beschrijf als ik geen camera meesleep. Ik ben er inmiddels wel van overtuigd dat ik me niet tot één medium hoef te beperken om een verhaal over te brengen. Ondanks mezelf ben ik zo van journalist 1.0 geüpgraded naar 2.0. Een verhaal vertellen, ingewikkelde kwesties inzichtelijk maken en de tijd nemen om een onbekende wereld te begrijpen, dát is mijn vak. De vrijheid om daar verschillende media voor te gebruiken, is het voorrecht van de journalist van de eenentwintigste eeuw.

Lees over Femkes reis door Afrika op het weblog: nrcnext.nl/citylife

    • Femke van Zeijl