Akkoord

Na elf dagen onderhandelen zijn de 192 landen op de klimaattop in Kopenhagen overeengekomen om „kennis te nemen” van het nieuwe klimaatverdrag. Of, in gewoon Nederlands: hierbij verklaren wij te weten dat er een verklaring is.

Akkoord.

Er is, met andere woorden, helemaal niets besloten in Kopenhagen. In het ‘akkoord’ staat eigenlijk alleen dat iedereen het erover eens is dat klimaatverandering een groot probleem is. Verder zijn er, zwart-op-wit, géén afspraken in een níet-bindende overeenkomst gezet. President Obama sprak van een „betekenisvolle, historische doorbraak.”

Yes, we can ook overdrijven.

En dat terwijl de Amerikaanse president bij aankomst zijn gehoor nog voorhield dat hij niet was gekomen „om te praten, maar om te handelen”. „I believe we can act boldly and decisively”, zei hij er achteraan. Ik meende die woorden te herkennen uit een oude speech, van een krap jaartje geleden. U weet wel: toen het nog kredietcrisis was en dezelfde wereldleiders in een vloek en een zucht 1.100 miljard dollar op tafel gooiden om een paar banken te redden. Ja, in de weegschaal van de geopolitiek weegt een bank kennelijk zwaarder dan een planeet.

Dat is, in een notendop, ook de paradox van Kopenhagen gebleken. Wat we proberen te redden is niet het klimaat, maar de levenswijze die haar ontregelt heeft. Het klimaat is immers alleen een probleem voor zover zij de economie bedreigt – en die economie is wat ons het klimaatprobleem heeft gegeven. Op het spel staat onze welvaart, die drijft op 86 miljoen olievaten per dag.

Dus krijg je iedere klimaattop weer hetzelfde schouwspel: China, Brazilië en India willen niks beloven zolang zij niet dezelfde levenstandaard hebben als wij; wij willen geen concessies doen zolang dat ten koste gaat van onze levenstandaard – en de rest mag pas meedoen zodra ze een levensstandaard heeft.

Dus keerde men, zoals verwacht, onverrichter zake huiswaarts. Op dat moment werd in Nederland een weeralarm afgekondigd. „Het KNMI adviseert iedereen om binnen te blijven”, vermeldde Teletekst. Daar hadden ze in Kopenhagen ook wel kennis van mogen nemen.

Rob Wijnberg

    • Rob Wijnberg