Lotichius paart traditie aan effectieve blijmoedigheid

Klassiek: Erik Lotichius 80. Met o.a. Prima la Musica o.l.v. Dirk Vermeulen, Ralph van Raat, piano, en Eliane Rodrigues, piano. Werken van Erik Lotichius. Gehoord: 20/12 Concertgebouw, Amsterdam.**

„Er zijn in mijn leven veel periodes geweest waarin ik het met de muziek niet meer zag zitten,” schrijft componist Erik Lotichius op zijn website. In september werd hij tachtig, en dat werd gisteren gevierd in de Kleine Zaal van het Concertgebouw. Niet in de Grote Zaal, en dat zegt iets: Lotichius hoorde nooit bij de ‘grote jongens’. Naar eigen zeggen omdat hij weigerde mee te doen met modernistische modeverschijnselen zoals de atonaliteit. Daarnaast liet hij zich in met ‘lichte’ muziek, en schreef hij songs en zelfs musicals – ooit taboe.

Tijdens het verjaardagsconcert klonk een dwarsdoorsnede uit Lotichius’ oeuvre. Hij kwam naar voren als een vakman met groot respect voor de traditie, wars van ernst en moeilijkdoenerij. Soms had dat haast surrealistische gevolgen: in Two songs for soprano and orchestra klinkt een loodzware tekst van Shakespeare op een naïef huppelritme. En ook het gedicht ‘Vaders dood’, geschreven door broer Hans Lotichius, zette Lotichius op lichte en optimistische klanken, met fluiten als een draaiorgeltje.

In het ook al blijmoedige Symfonietta voor orkest vielen muzikale elementen op die later karakteristiek bleken: een nooit afwezige ritmische puls, herhaalde akkoordenschema’s, een opbouw uit afgebakende muzikale blokken, en fuga-achtige imitatievormen. Lotichius, die jarenlang muziektheorie doceerde, is er de componist niet naar om vervolgens met die elementen te gaan experimenteren of zijn luisteraar op het verkeerde been te zetten. Het blijft allemaal keurig binnen de perken.

Tot de betere composities behoorde de Sonate voor altsax en piano. Het werd goed, maar niet helemaal in balans gespeeld door pianist Ralph van Raat en saxofonist Xavier Scheepers. In het eerste deel reeg de saxofoon lange ketens van minimalistische motiefjes. Voor de effectieve overgangen tussen hectische drukte en larmoyante welluidendheid lijkt Lotichius naar de blazerssonates van Poulenc te hebben geluisterd.

Afsluiter was het Pianoconcert, met een zwoel jazzy entree van de solist, veel ragtime-achtige riedels en een cadens die naar Beethovens Mondscheinsonate verwees. De Braziliaanse soliste Eliane Rodrigues leek meer in haar mars te hebben dan deze niet al te uitdagende partij, maar speelde vol enthousiasme. Dat deed ze ook in de toegift, een gelegenheidscompositie van Lotichius op de toepasselijk optimistische woorden ‘Life is great’.

    • Jochem Valkenburg