De weggeërodeerde publieke moraal

J. van Slooten mist in zijn artikel op de Opiniepagina van 16 december de kern. Voor de PvdA is niet taboe dat men rijk is, maar gaat het om de vraag hoe men aan die rijkdom gekomen is. Als een zelfstandig ondernemer op de vrije markt miljoenen verdient, is er met hem niet bij voorbaat iets moreel mis; hier ligt hooguit een taak voor de Belastingdienst. Dat is anders bij de overheid en de semi-overheid, waar van een markt geen sprake is, maar waar de inkomsten van de desbetreffende instituties nagenoeg gegarandeerd zijn, omdat zij hoofdzakelijk uit belastingen en verplichte afdrachten betaald worden, dus door de gewone burgers, die geen keus hebben. Er is geen fatsoenlijke reden waarom een manager van een universiteit, ziekenhuis, woningcorporatie of soortgelijke instelling met een ideëel doel een veelvoud van de premier zou moeten verdienen. Het lijkt mij bovendien dat op menswaardige wijze leven met een gegarandeerd jaarinkomen van anderhalve ton ook heel haalbaar is. Wie dat godsonmogelijk acht, heeft inderdaad bij de PvdA weinig te zoeken, zolang de meeste Nederlanders het nog met aanmerkelijk minder moeten doen. Voor sociaal-democraten is het terecht onverteerbaar dat zo’n monstersalaris vervolgens door laagbetaalde patiënten en huurders moet worden opgebracht. Dat dat besef niet meer alom aanwezig is, illustreert hoezeer de publieke moraal door het virulente marktfundamentalisme van de afgelopen twee decennia is weggeërodeerd.

Thomas von der Dunk

Amsterdam

    • Thomas von der Dunk