Zwarte kroegbaas gaat in bieraandelen

Van het pro-zwartenbeleid in Zuid-Afrika is een paar zwarten schatrijk geworden. Nu moet alsnog de massa ervan profiteren. Er is dankbaarheid. Maar ook kritiek. „Het is een uitvinding van de blanke zakenlieden die de economie controleren.”

A couple drink beer at an up-market shebeen in Soweto township, near Johannesburg, South Africa, on Tuesday, July 17, 2007. There are an estimated 182,000 illegal bars, or shebeens, in South Africa, a legacy of white rule when blacks weren't allowed to buy full-strength beer. While the government has tried to regulate the bars since the end of apartheid in 1994, more than two-thirds are still unlicensed as shebeen owners scrabble for income in a country where the unemployment rate is 25 percent. Photographer: Naashon Zalk/Bloomberg News BLOOMBERG NEWS

‘Wie weet wat aandelen zijn?” Sego Motubatses vragende blik glijdt langs de ongeveer dertig driftig schrijvende mannen en vrouwen. Na een kop koffie hebben ze net plaatsgenomen in het vergaderzaaltje van het distributiedepot van South African Breweries (SAB) in Ga-Rankuwa, een grote zwarte woonwijk boven Pretoria. „Met aandelen”, vervolgt de instructrice van de brouwerij, „ga je een deel van dit bedrijf bezitten. Is dat niet ontzettend leuk? SAB is heel groot, maar jij kunt dan zeggen: deze deur hier, die is van mij!”

Een enkeling lacht besmuikt. Een vrouw noteert de woorden van Motubatse letterlijk in haar opschrijfboekje: „Bezit deur.”

Motubatses gasten zijn allen kroegbazen uit zwarte townships: eigenaars van shebeens (illegale dranklokalen) en van taverns (etablissementen mét drankvergunning). SAB, onderdeel van SAB Miller, de derde bierbrouwer wereldwijd, heeft hen uitgenodigd voor een workshop over Black Economic Empowerment (BEE): het overheidsbeleid dat nog altijd in grote meerderheid door blanken gerunde ondernemingen verplicht zwarte Zuid-Afrikanen een grotere rol te geven. De eerste jaren na de afschaffing van de apartheid in 1994 profiteerde slechts een select groepje zwarte zakenmannen met politieke connecties hiervan, maar onder nieuwe wetgeving moeten bedrijven proberen bredere groepen te bereiken teneinde meer ‘voorheen achtergestelde individuen’ in de formele economie te laten meedoen.

In samenwerking met de grote Standard Bank heeft SAB een ingenieus programma ontwikkeld waarbij niet alleen zo’n 9.400 eigen personeelsleden, maar ook zwarte retailers in aanmerking komen voor aandelen in de biergigant. Voor iets meer dan 10 euro kunnen ze vanaf begin volgend jaar een aandelenpakket ter waarde van bijna 5.000 euro kopen. Ieder half jaar wil SAB dan de naar schatting 67.000 nieuwe aandeelhouders dividend uitkeren. Aandelen kunnen na tien jaar ingewisseld worden voor vrij verhandelbare stukken in moederbedrijf SAB Miller. „Als het goed gaat, kun je meteen met pensioen”, lacht de instructrice.

„Maar wat als SAB ten onder gaat?” vraagt iemand. „Dan ben je je geld kwijt”, glimlacht Motubatse. „Maar denken jullie echt dat SAB ooit ten onder gaat? Denken jullie dat er een dag komt dat onze mensen geen bier meer drinken? En trouwens: wie zorgt ervoor dat SAB groeit? Wie zijn verantwoordelijk voor de toekomst van SAB? Dat zijn jullie! Als jullie goed verkopen, worden de aandelen alleen maar meer waard.”

Na een uur is de spoedcursus bedrijfseconomie ten einde. Eigenaars van bars die nog niet over een drankvergunning beschikken, kunnen zich bij een van de medewerkers van de brouwerij melden voor begeleiding bij hun aanvraag. Want: zonder vergunning geen aandelen.

„SAB”, zegt Sipho Mavimbele van café Sipho’s Place in township Soshanguve, „zorgt zo goed voor ons. Ze helpen met alles. Als ik met een commerciële consultant een vergunning had moeten aanvragen, dan was ik honderden euro’s kwijt geweest. Nu kost het me haast niets.”

Twee weken eerder in Sandton, een van de betere wijken van Johannesburg. In een glimmend hotelzaaltje is de top van South African Breweries bijeen voor de officiële presentatie van ‘SAB Zenzele’, zoals het BEE-programma genoemd wordt (Zenzele betekent in het Zulu ‘help jezelf’). Er is gebak en koffie, en er zijn sjieke cadeautjes voor het handjevol toegestroomde financiële journalisten.

Norman Adami, de managing director van het bedrijf, legt uit dat met de deal 730 miljoen euro gemoeid is. 8,45 procent van de SAB-aandelen komt met de transactie in zwarte handen, maar dankzij een constructie via een aparte stichting kwalificeert SAB na de overdracht voor 14,1 procent als „zwart bedrijf”.

Anders dan bij veel andere grote ondernemingen komt onder het BEE-plan van SAB ook een kleine groep lager blank personeel in aanmerking voor aandelen. „Alle medewerkers dragen bij aan ons succes ”, zegt Adami, terwijl de ene na de andere powerpointdia met bedragen en percentages voorbijschuift. Hij verwacht dat de huidige aandeelhouders tijdens een speciale vergadering op 13 januari met de deal akkoord gaan. „Dit is tenslotte waarachtig wat onze overheid bedoelde met B-BBEE.”

De ademloos luisterende, Zuid-Afrikaanse journalisten knikken instemmend. Het begrip ‘B-BBEE’, Broad-Based Black Economic Empowerment, is voor hen gesneden koek.

Met de overstap van BEE naar B-BBEE erkende de regering van president Thabo Mbeki in 2007 dat vooral een kleine groep zogenoemde Black Diamonds van het aanvankelijke voorkeursbeleid geprofiteerd had: een select gezelschap aan regeringspartij ANC gelieerde zwarte zakenmannen werd multimiljonair, maar de massa bleef onderaan de ladder hangen.

„Ondanks BEE is de kloof tussen arm en rijk sinds het eind van de apartheid alleen maar toegenomen”, zegt econoom Servaas van der Berg van de Universiteit van Stellenbosch. Uit een recent onderzoek van Van der Berg blijkt dat het zwarte aandeel in het nationale inkomen tussen 1970 en 1995 sneller toenam dan na de afschaffing van de apartheid, toen de economie jaarlijks met zo’n 5 procent groeide. „Het is niet per se gezegd dat dit door de BEE-wetgeving komt, maar je kunt wel concluderen dat BEE de arbeidsmarkt minder efficiënt gemaakt heeft.”

Onder de nieuwe wetgeving krijgen ondernemingen punten voor ál hun inspanningen om zwarte Zuid-Afrikanen bij de formele economie te betrekken: actief aandelenvermogen levert nog steeds veel punten op, maar ook met ‘indirecte empowerment’, zoals opleiding van het personeel, sociaal-economische ontwikkeling en samenwerking met zwarte bedrijven kan een onderneming scoren. Voor 2014 zijn alle bedrijven met een omzet boven de 500.000 euro verplicht aan de BEE-wetgeving te voldoen.

Naast de baas van South African Breweries heeft in het hotelzaaltje in Johannesburg inmiddels een van de succesvolste BEE-tycoons van Zuid-Afrika plaatsgenomen. Oud-vakbondsleider Cyril Ramaphosa, die tot 1996 een actieve rol in de politiek speelde maar door president Mbeki op een zijspoor werd gezet, heeft dankzij de oorspronkelijke opvatting van BEE in een paar jaar tijd met zachte leningen voor naar schatting 50 miljoen euro belangen in mijnbedrijven en de financiële wereld verworven. Hij is door SAB aangezocht om voorzitter te worden van de stichting die de zwarte aandelenoverdracht begeleidt. De deal is een „unieke transactie die het hele proces van empowerment verdiept en verbreedt” en „zich niet beperkt tot enkele individuen”, zegt dezelfde Ramaphosa nu. „SAB toont goed staatsburgerschap.”

Volgens SAB-baas Norman Adami is de deal „niet alleen gunstig voor Zuid-Afrika, maar ook voor SAB”. Want: „Een gezonde en mondige samenleving is goed voor ondernemingen die in die omgeving opereren”, zegt hij even na de presentatie. „Het succes van ieder bedrijf in Zuid-Afrika hangt af van het welvaren van het land en de kwaliteit van de transformatie.”

Moeletsi Mbeki, een van de grootste critici van BEE, koopt niets voor „dit soort zalvende praatjes”. „Denk je echt dat SAB nobele overwegingen heeft en die arme zwarte retailers zomaar aandelen cadeau doet?” schaterlacht de jongere broer van de oud-president. „Welnee, ze hebben maar één doel: de opmars van Heineken stoppen.”

De Nederlandse bierbrouwer is in Zuid-Afrika in 2004 een joint venture aangegaan met drankgigant Diageo (Guinness) en Namibian Breweries (in Zuid-Afrika bekend van Windhoek Lager) en heeft onlangs net buiten Johannesburg een brouwerij neergezet waar sinds september Amstel gebrouwen wordt en vanaf volgend jaar ook Heineken. Volgens de jongste gegevens van marktonderzoekbureau AC Nielsen is SAB in 2009 voor het eerst in Zuid-Afrika onder de 90 procent marktaandeel gekomen. „De kroegbazen die straks aandelen in SAB hebben, zijn natuurlijk wel gek als ze hun klanten Heineken voorzetten”, zegt Mbeki.

„Het is wellicht niet in hun eigen belang”, erkent Adami, „maar natuurlijk mogen onze retailers die aandelen in ons bedrijf krijgen ook Heineken verkopen. Als klanten dat willen, moeten ze wel. Het verwijt dat we ons met oneerlijke concurrentie bezighouden lijkt me niet terecht. Uiteindelijk is het in het belang van de hele drankindustrie dat wij illegale cafés helpen legaal te worden. Ook Heineken profiteert ervan als we de drankmarkt formaliseren.”

Volgens Mbeki laat de SAB-deal een breder probleem van BEE zien. Het is volgens hem „naïef” te denken dat Black Economic Empowerment, broad-based of niet, bedacht is door de ANC-regering om een minder ongelijke economische verdeling te creëren. „BEE werd uitgevonden door de economische oligarchen van Zuid-Afrika, een handvol witte zakenmensen en hun families die ’s lands economie controleren”, schrijft Mbeki in zijn onlangs verschenen boek Architects of Poverty: Why African Capitalism Needs Changing.

„Hun doel was de leiders van het zwarte verzet na de afschaffing van apartheid aan hun kant te krijgen om zo te voorkomen dat het ANC met radicale economische hervormingsplannen zou komen”, zegt hij. „Met aandelen hebben bedrijven een aantal hooggeplaatste oud-vrijheidsstrijders ingelijfd om, net als destijds bij de apartheidsregering, bij de overheid aan tafel te zitten. Terwijl het ANC een halve eeuw voor nationalisatie en socialisme heeft gepleit, werd na 1994 opeens het kapitalisme omarmd.”

Nu, vijftien jaar na de eerste vrije verkiezingen, is BEE „de centrale ideologie van de zwarte politieke elite” geworden, zegt Mbeki, „en daarmee ook de belangrijkste drijfveer voor zelfverrijking”. Dat heeft volgens hem bij de overheid niet alleen tot grootschalige corruptie geleid, maar in de private sector ook tot een verstoord ondernemersklimaat. „BEE vertelt zwarte Zuid-Afrikanen dat je niet een eigen bedrijf hoeft op te zetten en dat je geen risico’s hoeft te nemen omdat witte bedrijven je uiteindelijk toch wel een baan en aandelenpakket geven. Mensen moeten goede opleidingen volgen, initiatieven nemen, werkelijk ondernemen. Dan komt die transformatie van de economie vanzelf wel. Wat mij betreft wordt BEE direct afgeschaft.”

Jerry Vilakazi, voormalig directeur van belangenorganisatie Black Management Forum, is lid van de onlangs gevormde presidentiële BEE-adviesraad en zelf een niet onbemiddelde BEE-begunstigde. Wat Mbeki ook zegt, de noodzaak van „het rechtzetten van economische onrechtvaardigheden uit het verleden blijft aanwezig”, zegt hij. Dat daardoor een klein aantal steenrijke zwarten is opgekomen, is „een logisch gevolg van het kapitalistische model”, zegt hij. „Zij inspireren anderen om ook in zaken te gaan.” Vilakazi is het evenwel eens met Mbeki’s pleidooi voor meer nadruk op onderwijs binnen het empowerment-beleid. „Op de lange termijn is dat de enige manier waarop de zwarte massa zich aan de armoede kan ontworstelen.”

In Pankop, een stoffig dorpje 150 kilometer boven Johannesburg, wacht Mpho Mankgeru, uitbaatster van ‘Mphaphi’s Place’, op de kip met gouden eieren. De 36-jarige Mankgeru heeft zich aangemeld voor een SAB-aandelenpakket en ziet zichzelf al „in een vette auto door het dorp toeren”. Een flesje Castle-bier, het grootste merk van SAB, kost bij haar 90 eurocent. Als ze dadelijk een drankvergunning en aandelen heeft, verwacht ze maandelijks 3.000 euro om te zetten.

„Waarom ze het doen weet ik niet, maar ik zal SAB eeuwig dankbaar blijven”, zegt ze. De concurrentie van SAB krijgt het moeilijk in haar feloranje geschilderde bar. Tralies scheiden haar van de soms wat onstuimige klanten. „Natuurlijk blijf ik Heineken verkopen als mensen daar specifiek om vragen. Maar dat is een eendagsvlieg. Ik kan me niet voorstellen dat dit land het ooit zonder Castle zou kunnen stellen. Man, goedkoop bier is hier een eerste levensbehoefte.”

    • Peter Vermaas