Rien ne va plus

Joris Luyendijk speelt met nieuwe journalistiek. Voorlichters dwarsbomen het spel.

Brink, Lars van den

‘Ajax-Feyenoord vanmiddag zonder rellen verlopen.’ Waarom haalt zo’n mededeling soms het nieuws? Tja. Stel je een redactievergadering voor in Hilversum met een tiental post-linksig geklede types (jasje zonder das, spijkerbroek, sneakers). Ze hebben die dag twee verslaggevers, en moeten vooraf bepalen waarover deze gaan berichten. Zoals je in het casino inzet voordat het balletje gaat rollen.

En dan zit zo’n redactie aan haar onderwerpkeuze vast. Voor journalisten is tussentijds bijsturen vaak moeilijk, niet omdat ze boosaardig zijn maar door de organisatiestructuur van de media. Wetenschappers hebben hetzelfde. Die moeten aan hun geldschieters ook tevoren precies omschrijven welke revolutionair nieuwe dingen ze zullen ontdekken.

Eén van de voordelen van dit correspondentschap elektrische auto’s & nieuwe journalistiek is dat ik niet aan een baas vast zit. Maar ik heb wel een fotograaf die ik vooraf moet bestellen en instrueren, en zo belandde ik op een recente regenachtige maandag opeens toch in de situatie van een verslaggever die steeds koortsachtiger zoekt naar de beloofde rellen. Ik had met de fotograaf een snood plannetje uitgebroed, maar al na een paar minuten seinden we non-verbaal aan elkaar: dit gaat niet. Tant pis.

Stop! Dit is onbegrijpelijk, stamelt het lezerspanel. Uitleg: ik wilde al een tijd naar de RDW, de Rijksdienst voor het Wegverkeer. De RDW test elektrische auto’s en heeft dus inside-info. Vooral was ik benieuwd naar Duracar. Dit Nederlandse bedrijf wil in het derde kwartaal (‘Q3’ heb ik leren zeggen) 2010 per dag 25 bestelbussen van de band laten rollen. Het zijn echte elektrische auto’s, geen benzinemodellen met een elektromotor, maar een revolutionair concept van kunststof. Cradle to cradle.

Het lijkt geweldig dus waarom hoor ik er zo weinig van? Zit iedereen te slapen of mis ik iets? Dat wilde ik off the record vragen aan de RDW, dus schoot ik laatst hun elektrische expert aan, Arjan van Vliet. We maakten een afspraak en toen stond in de cc… een voorlichter. Zut alors. De RDW mag officieel niets zeggen over specifieke merken, en nu zou Van Vliet zich daaraan houden. Praten in bijzijn van voorlichters is als interviewen in het Midden-Oosten met een tolk erbij.

Dus ik had geprobeerd dat uit te leggen aan de voorlichter, maar hij benadrukte net als bijna al zijn collega’s „geen typische voorlichter” te zijn. Toen besloot ik: dan doe ik mijn verhaal over die voorlichter. Dus ik smeedde met mijn fotograaf het snode plan hem stiekem te fotograferen. Het is niet fraai allemaal maar ik trek het steeds slechter met die pr-korst om organisaties heen. Vrijwel alle ministeries, instanties en bedrijven verplichten nu hun werknemers contacten met journalisten vooraf te melden. Je krijgt er ook bange leiders van, omringd als ze zijn door pr-types die hen steeds wijzen op de meest negatief denkbare uitleg van hun woorden en stellingnames.

Eh bien, fotograaf en ik kwamen dus op die recente regenachtige maandag binnen bij de RDW in zo’n prachtig kantoor aan een grote weg in de prachtstad Zoetermeer. We begonnen wat te praten en na drie minuten beseften fotograaf en ik: deze voorlichter verdient dit niet. Hij zit ook in een systeem dat hij niet kan veranderen en waaraan hij dus moet meedoen. En dat doet-ie, naar beste eer en geweten.

Dus toch een officieel interview met Arjan van Vliet, een hoffelijk en deskundig man, zo’n Nederlandse ambtenaar uit het juiste hout. En hij had gelukkig leuke weetjes! Dat de politie jaarlijks 210 miljoen maal een kenteken opvraagt. Dat de RDW zo’n vijftig keuringsexperts en consultants semi-permanent heeft rondlopen in China en India, om daar fabrikanten te adviseren hoe zich te houden aan de Europese regels. Dat over autodiefstal voor Oost-Europa ooit het grapje circuleerde: ga op vakantie naar Polen, uw auto is er al.

De RDW heeft het Europese ‘toelatingstraject’ gedaan voor de Noorse elektrische auto Th!nk, een primeur eerste klas. De Noren kozen Nederland onder meer omdat wij geen auto-industrie hebben en de Noorse technologie dus minder snel zal ‘weglekken’ naar spionnen bij die buitenlandse keuringsinstanties. Jaja. De RDW doet ook onderzoek naar de ombouw van benzineauto’s tot elektrische. Nogal wat mensen ‘in het veld’ maken zich daarover zorgen; hoe veilig zijn die wagens? De RDW kan nog niet zeggen dat elektrische auto’s veiligheidsrisico’s herbergen. Het officiële standpunt: „De RDW onderzoekt omgebouwde elektrische auto’s om veiligheidsrisico’s te voorkomen.”

Een voedzaam maar oppervlakkig gesprek. Zoals afgesproken is het vooraf gelezen door de voorlichter. Fair play vereist dat hij de laatste woorden krijgt: „Dank voor de ruimte, maar hier maak ik geen gebruik van. Het is geen goede zaak als persvoorlichters het laatste woord hebben in de media, toch?”

Andere en eerdere afleveringen staan op nrc.nl/weekblad

    • Joris Luyendijk