Soms krijgt een boer plotseling hoofdpijn, gaat liggen en sterft

Als er in Ivoorkust iemand overlijdt, dan denkt iedereen meteen aan malaria.

Wereldwijd werden er vorig jaar 240 miljoen mensen door de ziekte getroffen.

TOPSHOTS A mother and her child sit on October 30, 2009 on a bed covered with a mosquito net near Bagamoyo, 70 kms north of Tanzanian capital Dar es Salaam, where a pioneering vaccine against malaria is in its third phase of testing at the government-run Ifakara Health Institute. Over 1,000 scientists and specialists are gathering in Nairobi until November 6, 2009 for the 5th Multilateral Initiative on Malaria Pan-African Conference to assess the setbacks and gains in the areas of research, treatment and prevention of the disease, which kills over a million people in the world every year -- mostly children and pregnant women. PHOTO/Tony KARUMBA AFP

De anekdotes liggen voor het oprapen. Op maandag maakte de kleermaker van het naaiatelier aan de overkant van de straat een praatje met de kruidenier op de hoek. Hij klaagde dat hij moe was en zich niet lekker voelde, hij had koude rillingen, malaria. Hij rolde zijn plastic slaapmat uit op de grond van zijn atelier, ging even liggen, en gaf de leerling-kleermaker opdracht een lunch te halen. Toen de leerling terugkwam, was hij dood. Het is nachtwaker Amidou die me dit verhaal vertelt als ik hem naar zijn ervaringen met malaria vraag. De hele buurt is kennelijk al op de hoogte, behalve ik.

Ook expats in Ivoorkust bezwijken geregeld aan malaria. Het meest recente slachtoffer is een lerares van de Amerikaanse school die ziek werd in het vliegtuig naar Londen. Ze woonde hier net een jaar, en had kort voor haar vakantie een dorp in het binnenland van Ivoorkust bezocht en geslapen in een lemen hut, op zijn Afrikaans. Toen het vliegtuig in Londen landde, was het al te laat. Ze overleed voordat ze naar het ziekenhuis kon worden gebracht. Hersenmalaria.

Statistieken krijgen pas betekenis als de realiteit ze een gezicht geeft. De kleermaker van de overkant van de straat en de Amerikaanse lerares waren maar twee van de 63.000 mensen die ieder jaar in Ivoorkust (20 miljoen inwoners) aan malaria overlijden. Hier is malaria de belangrijkste doodsoorzaak na AIDS, althans op papier. Er zijn medici die denken dat malaria in werkelijkheid meer slachtoffers maakt, 63.000 is een schatting. Niemand kan met zekerheid zeggen hoeveel het er precies zijn. Soms krijgt een baby zo’n hoge koorts dat de moeder geen tijd heeft een dokter te halen. Soms krijgt een boer ineens hoofdpijn, gaat liggen en sterft.

Het eerste waar iedereen aan denkt, is malaria. Maar voor autopsies of medisch onderzoek hebben de armen op het platteland geen geld. Dan wordt het overlijden toegeschreven aan een ‘korte ziekte’, zeggen de buren een gebed, en graven de dorpelingen een haastig graf. Dat malaria door muggen wordt veroorzaakt, weten ze vaak niet eens. Onder de Akan, de grootste stam van Ivoorkust, wordt gezegd dat je malaria oploopt als je te lang in de zon wandelt. Malaria is onvermijdelijk. Het is iets wat je vroeg of laat gewoon krijgt. „Malaria richt meer schade aan dan welke andere ziekte ook”, zegt Pedro Borges, een arts van Portugese afkomst die een kliniek leidt waar bloedtesten voor malaria worden uitgevoerd. „Maar het komt zo veel voor dat de overheid niet meer de moeite neemt de bevolking voor te lichten. Zet de regionale radio maar eens aan. Het enige wat je hoort, is muziek.”

Meestal ga je niet dood aan malaria. De eerste keer dat ik het kreeg, herkende ik het meteen. Spierpijn, duizeligheid, hevige koorts. Druipend van het zweet sleepte ik me naar de eerste de beste dokter die me wilde ontvangen. Het bleek een dikke, goedgemutste Libanees die mijn angstige beschrijving van wat mij mankeerde met een vaderlijke glimlach wegwuifde. Ach, malaria. Hij gaf me een injectie en een recept, en drukte me op het hart de komende dagen lekker in bed te blijven. Vijf jaar en vier aanvallen van malaria later wist ik mijzelf zo gehard dat ik dacht dat ik de ziekte makkelijk aan kon. Tot ik op een middag plotseling een verlammende hoofdpijn kreeg. Binnen een uur lag ik afgemat in bed, bevend, schokkend van de kou, snakkend naar warme wollen dekens die ik niet had. De ‘hulpeloze afdaling in een toestand van extreme uitputting en zwakte’, zoals Ryszard Kapuscinski het in zijn boek Ebbenhout beschrijft, was begonnen. Het duurde twee weken voordat ik weer op de been was.

Zeven op de tien patiënten die bij een ziekenhuis in Ivoorkust aankloppen, lijden aan malaria. Maar het duurt lang voordat die stap wordt gemaakt. Te lang, zegt dokter Athanase Assalé, die in een drukbezocht stadshospitaal werkt. Hij behandelt de ernstige gevallen. „De gemiddelde malariapatiënt probeert zichzelf eerst met planten te genezen, want dat is goedkoper. De symptomen verdwijnen binnen een week, hij voelt zich beter. En dan begint het opnieuw. Daarna koopt hij paracetamol en gaat het weer een paar dagen. Tot hij hevige stuiptrekkingen krijgt, ademhalingsproblemen, of in coma raakt. Pas dan komen ze bij ons.” Iedere patiënt wordt bij opname op malaria getest. Iedere dokter weet hoe hij malaria moet behandelen. Saai wordt het nooit, zegt Assalé. „Elk geval is anders. Mensen komen in verschillende stadia van de ziekte en de symptomen kunnen behoorlijk uiteenlopen. Ons uitgangspunt is dan ook: malaria, tot het tegendeel is bewezen.”

Malaria trof vorig jaar wereldwijd zo’n 240 miljoen mensen. Bijna 900.000 zieken overleden aan de parasiet. De cijfers werden vorige week bekendgemaakt door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) in een rapport dat voorzichtig optimistisch was. Voor het eerst in jaren lijkt de trend zich te keren. In eenderde van de 108 landen waar malaria voorkomt, is het aantal ziektegevallen gehalveerd in vergelijking met het jaar 2000. Dat geldt echter alleen voor landen waar de Verenigde Naties en buitenlandse hulporganisaties muggennetten en malariamedicijnen hebben uitgedeeld, zoals Rwanda en Tanzania. Maar in anarchistisch Nigeria, verpauperend Ivoorkust en onbestuurbaar Congo is niets veranderd. De WHO denkt dat jaarlijks 5 miljard dollar nodig is om de ziekte effectief te bestrijden. Dit jaar was 1,7 miljard dollar beschikbaar.

Nachtwaker Amidou liet vorige week twee dagen verstek gaan, omdat ook hij malaria had. Ik vroeg hem gisteravond welke medicijnen hij had genomen. Hij moest even nadenken voordat hij het woord kon uitspreken. „Paracetamol.” Gekocht bij een ambulante apotheek, een van de vrouwen die met een schaal bontgekleurde pillenstrippen op het hoofd de arbeiders in de wijk van gratis geneeskundig advies voorzien. Wist hij ook hoe je malaria krijgt, vroeg ik hem. Verlegen lachend schudde hij het hoofd. „Geen idee.”

    • Pauline Bax