Een warm welkom als pressiemiddel

Generaal-majoor Mart de Kruif mocht het Witte Huis en belangrijke politici informeren over zijn werk in Afghanistan. Hij kreeg een warme ontvangst.

Op de meeste dagen van het jaar spreekt Nederland geen woordje mee in Washington. Maar dat is anders, iets anders, wanneer Hollandse militaire leiders er komen vertellen over hun ervaringen in Afghanistan. Dan gaan de deuren open.

Dat was deze week het geval voor generaal-majoor Mart de Kruif, die afgelopen jaar het commando voerde over de NAVO-missie in het Afghaanse zuiden. Hij was welkom op het Witte Huis, hij bezocht speciaal gezant Richard Holbrooke, hij mag vandaag aanschuiven bij de machtige Democraat Carl Levin, voorzitter van de senaatscommissie voor defensie.

Tussendoor stond De Kruif de Amerikaanse media op het Pentagon te woord, en verscheen hij gisteren voor een groepje gespecialiseerde medewerkers in de Senaat. Daar trad hij op met J. Alexander Thier (U.S. Institute of Peace), volgens het tijdschrift Foreign Policy een van de invloedrijkste Afghanistankenners in de Amerikaanse hoofdstad. „Dat wij hier vandaag een Nederlandse generaal hebben, is van belang”, zei Thier met een kwinkslag. „Het betekent dat de NAVO functioneert.’’

De warme ontvangst van de generaal was dan ook een onmiskenbaar signaal aan Nederland. Vergeleken met eerdere Amerikaanse regeringen speelt die van Obama geschillen niet openlijk uit. Maar de afgelopen weken lieten Witte Huis-medewerkers off the record duidelijk weten dat er kosten verbonden zijn aan een Nederlands ‘neen’ inzake Afghanistan. Zo zeggen ze dat een nieuwe uitnodiging voor de G20 dan wel zal uitblijven.

De Kruif was zich scherp bewust van zijn precaire positie toen hij gisteren in de Senaat verscheen. Hij is een verklaard aanhanger van de troepenversterkingen die Obama onlangs aankondigde – „precies goed”, zei hij maandag tegen de Amerikaanse pers – maar houdt zich op de vlakte over de Haagse aarzelingen om de Afghaanse missie na zomer 2010 te continueren.

„We hebben zeventien landen in het zuiden”, zei hij. „Er zijn landen die vertrekken, er zijn landen die hun bijdrage vergroten. Uiteindelijk is voor mij van belang dat we onze algehele slagkracht vergroten, militair en civiel. Dus ik kijk hier naar als een NAVO-commandant. Wat Nederland gaat doen, is aan Nederland.”

Sommige leden van het gezelschap in de Senaat bleken frappant goed op de hoogte van Hollandse gevoeligheden. Een vertegenwoordiger van de Afghaanse ambassade in Washington citeerde uit een recent bericht in De Telegraaf: klopt het dat Nederland van plan is zijn troepen naar het noordelijke Kunduz te verplaatsen?

De Kruif ontweek het thema zo charmant mogelijk. Liever sprak hij over het gebrek aan openbare dienstverlening in Kandahar – „ze hebben daar één brandweer” – of de problemen met de broer van president Karzai. Maar uiteindelijk kon hij niet om de Hollandse militaire aanwezigheid heen. En hij hield nadrukkelijk de mogelijkheid open dat Nederland blijft.

„De officiële positie van de Nederlandse regering is niet dat zij de troepen terugtrekt, maar [dat Nederland] in 2010 ophoudt een leidende natie in het zuiden te zijn”, zei hij. „Ze onderzoeken nu diverse opties. Moeten we Afghanistan verlaten? Moeten we ons verplaatsen naar een andere locatie? Of moeten we blijven?”

In een toelichting na afloop zei hij dat het hem vooral om het behoud van in Uruzgan opgedane kennis gaat. „Als je stopt, gaat er heel veel verloren. En zal het erg veel tijd kosten om die kennis over te dragen.”

Zo proberen de Amerikanen Nederland alsnog in hun tent te lokken: door in hun hoofdstad Nederlanders uit de nodigen die argumenten aandragen voor continuering van de Nederlandse missie. Spiegeldiplomatie.

Ook J. Alexander Thier beheerst dat spel. Hij bepleitte de laatste maanden de extra troepenzendingen waarvoor Obama uiteindelijk koos, al blijft hij beducht of er genoeg solidariteit met Afghanistan zal zijn op de lange termijn.

Vorige maand was hij nog bij de Amerikaanse commandant generaal McCrystal op bezoek. McCrystal vindt dat vertrek van Nederland niet goed is voor de operatie in Afghanistan. Maar het draait uiteindelijk om het Nederlandse „zelfbeeld”, zei Thier enkele uren na het „zeer interessante” optreden van De Kruif.

„Wil Nederland het land zijn waarvan de Taliban zegt: die hebben we er uitgejaagd? Is het moreel juist om af te haken, juist nu zoveel landen zich inzetten om het land ten goede te keren? Vind je het akkoord dat de Taliban Afghanistan weer overnemen?”

    • Tom-Jan Meeus