Servië loopt op eieren rond Verhagen

Nederland heeft toetreding van Servië tot de EU lang tegengehouden. Gisteren bezocht minister Verhagen Belgrado, dat nu een eerste stap mag zetten in de EU: met een handelsakkoord.

Serbian Foreign Minister Vuk Jeremic (R) hungs his Dutch counterpart Maxime Verhagen prior to their meeting in Belgrade on December 16, 2009. AFP PHOTO / ANDREJ ISAKOVIC AFP

Er is waarschijnlijk geen land ter wereld waar mijn naam zo vaak in de media is als bij jullie, constateert minister Maxime Verhagen (CDA) van Buitenlandse Zaken in de Servische hoofdstad Belgrado. Hij laat zich bevragen door jonge vertegenwoordigers van niet-gouvernementele organisaties. „Sommigen van jullie denken misschien dat ik die vent ben die jullie buiten de Europese Unie houdt, of die een persoonlijke vete met Ratko Mladic heeft. Geen van beide klopt.”

Nog maar een paar maanden geleden zou een bezoek van Verhagen aan Belgrado, zoals dat van gisteren, in Nederland zijn bestempeld als een tocht naar het hol van de leeuw. Hij stond in Servië toch bekend als de man die in zijn eentje binnen de EU het aanhalen van de betrekkingen met Servië tegenhield. Een beeld dat Verhagen graag koesterde, met steun van een unanieme Tweede Kamer.

Maar vorige week maandag in Brussel gaf hij zijn verzet tegen nauwere relaties met Servië op. Een handelsakkoord met de Europese Unie – een eerste stap op weg naar het lidmaatschap – dat door toedoen van Verhagen in de ijskast lag, mocht in werking treden. Volgens Verhagen kan dit omdat Servië nu voldoende samenwerkt met het in Den Haag gevestigde Joegoslaviëtribunaal.

Het gehoor in Belgrado laat hem speechen en stelt dan voorzichtig vragen. Als het u níét alleen om de persoon Mladic gaat, waarom wordt dan niet erkend dat Servië volgens alle economen veel sterker ontwikkeld is dan Roemenië en Bulgarije in deze fase voor hun EU-toetreding, brengt Tanja Kuzman (23) naar voren, een jonge vrouw in een zwarte kokerrok die economisch onderzoek doet voor een Amerikaanse overheidsorganisatie. Het antwoord van Verhagen is lang. EU-toetreding draait om Europese standaarden. „Niet alleen om de vervulling van criteria, maar ook om de bewezen duurzaamheid daarvan.”

De onderliggende boodschap is: niet zo snel. Later in gesprek met Nederlandse journalisten onderstreept hij dat: „We accepteren geen short-cuts.” Kuzman blijft achter met de indruk dat het Nederland wel degelijk vooral om de uitlevering van één man gaat, zegt ze na afloop.

Het bezoek van Verhagen leek vooral tot doel te hebben het gevoel van euforie in Servië te temperen. Over het echte voorportaal voor EU-lidmaatschap, een zogeheten Stabilisatie en Associatie Overeenkomst, wordt op aandringen van Nederland pas over een half jaar beslist. Snellere ratificatie kan ook – als de Servische autoriteiten de door het tribunaal van oorlogsmisdaden verdachte generaal Ratko Mladic opsporen en uitleveren, herhaalt Verhagen tijdens zijn bezoek.

De Servische regering lijkt die boodschap te hebben begrepen. Ministers die eerder nog zinspeelden op een aanvraag van EU-kandidaatlidmaatschap voor het einde van de maand, houden het inmiddels op ‘als de tijd daarvoor rijp is’.

Servische media claimden vorige week de hand te hebben gelegd op een notitie van de president waarin hij kabinetsleden op het hart drukt de opheffing van de blokkade van het handelsakkoord niet als een Servische overwinning te presenteren. De ministers begrijpen inmiddels dat het met de Nederlanders op eieren lopen is.

Van de genuanceerde Nederlandse boodschap dat het in het belang van Servië en de Serviërs zelf is om het oorlogsverleden onder ogen te zien en met het tribunaal mee te werken, blijft in de Servische publieke opinie en media echter weinig heel. De overgrote meerderheid van de bevolking is ervan overtuigd dat Servië in de westerse beeldvorming te veel als dader en te weinig als slachtoffer wordt gezien. Het tribunaal geldt als een politiek instrument, overwinnaarsrecht.

Nederland zou er vanuit die optiek om binnenlands politieke redenen voor kiezen daar de spreekbuis van te zijn. „Waarom moeten wij er de prijs voor betalen als jullie je geweten proberen te reinigen in verband met Srebrenica”, zo omschrijft Bosko Jaksic, commentator buitenlandse zaken van dagblad Politika, de gangbare Servische redenering met betrekking tot de geïsoleerde positie van Nederland tegenover Servië binnen de EU. Iedereen in Servië heeft het gehad met ‘Mladic en het tribunaal’, zegt Jaksic, „zelfs ikzelf”. Hij noemt het een frustrerend verhaal: „Ik geloof oprecht dat onze huidige machthebbers hem het liefst vinden en uitleveren om ervan af te zijn.” En dan helpt het volgens de analist niet daar continu en publiekelijk aan herinnerd te worden, zoals Nederland doet.

Verhagen liet in Belgrado duidelijk merken voorlopig niet van plan te zijn daarmee te stoppen. „Onze ferme houding heeft geholpen.” President Boris Tadic beloofde dat de samenwerking van zijn land met het Joegoslaviëtribunaal maximaal zal blijven. Eerst zien, vindt Verhagen. „We gaan hem niet op zijn blauwe ogen geloven.”