Hij vroeg de jihadist: waarom ga je niet zelf?

Het salafisme lijkt in Nederland op zijn retour. Jarenlang groeide de ultra-orthodoxe islamitische stroming, maar volgens de AIVD is dat voorbij.

Aan het einde van de avond spreekt Nourdin Akhssay (31) een zelfbedacht aforisme uit. „Als mensen je niet accepteren zoals je bent”, zegt de jonge Marokkaan, „dan moet je maar zijn zoals de mensen dat willen.”

In 2003 kwam Nourdin na anderhalf jaar terug naar Nederland. Hij had Arabisch gestudeerd in Damascus en de Koran bestudeerd in Medina. Hij was getrouwd met een religieuze vrouw en had een zoon gekregen, die hij Sayfuddin, ‘zwaard van het geloof’, had genoemd. Maar eenmaal terug in Helmond kwam de orthodoxe moslim met zijn lange baard nauwelijks aan de slag. „Ik legde het telkens af bij sollicitaties”, vertelt Nourdin. „Tegen kandidaten die duidelijk veel minder in hun mars hadden dan ik.”

Nourdin kortte zijn baard in tot een flinke knevel. Hij werd aangenomen. Maar op zijn nieuwe werk merkte hij dat hij nog steeds scheef werd aangekeken. „Mensen begonnen in kindertaal tegen mij te praten. Ze dachten: die spreekt geen Nederlands.” Als hij op straat liep in zijn lange gewaad, dan werd hij nagestaard. Met zijn vrouw en kind naar een pretpark? Nourdin leunt voorover: „Dat ging dus écht niet.”

Je zou Nourdin kunnen bestempelen als een ‘salafist’. „Als iemand mij zo wil noemen, moet hij dat zelf weten.” Maar aan de buitenkant zie je dat niet meer aan hem. Deze avond, in een hip eetcafé in Eindhoven, draagt hij een keurige gestreepte trui. Op zijn kin is slechts de glimp van een sikje zichtbaar.

Het salafisme, de ultra-orthodoxe geloofsrichting die terug wil naar de begintijd van de islam, gaat het in Nederland niet langer voor de wind. Jarenlang groeide de beweging als kool – vooral onder jongeren. Maar inmiddels, zo meldt de inlichtingendienst AIVD vandaag in het rapport Weerstand en tegenkracht, stagneert de groei van de beweging.

De weerstand tegen de salafistische dawa (prediking) is toegenomen, zo constateert de AIVD. Gematigde moslims laten meer van zich horen. Maar veel salafisten zijn ook zelf minder fanatiek geworden in hun geloofsbeleving. „De salafistische levensstijl vraagt veel van jonge mensen”, vertelde een analist van de AIVD onlangs aan deze krant. „Als je eenmaal een gezin hebt, dan heb je geen tijd meer om vijf keer per dag te bidden.”

Salafisten of ‘selefies’ geloven dat er maar één zuivere vorm van de islam bestaat, die van de ‘vrome voorgangers’, of de Salaf us Saleh, de eerste drie generaties na de profeet Mohammed (gestorven in 632). De beweging begon in de achttiende eeuw in Saoedi-Arabië, maar is inmiddels over de hele wereld uitgewaaierd. Tijdens de dekolonisatie combineerden sommige salafisten hun orthodoxe geloofsopvatting met politiek activisme. Al-Qaeda vindt zijn wortels in deze ‘politieke’ islam.

Al in de jaren negentig ontstonden er in Nederland salafistische centra. Maar pas na de aanslagen van 11 september 2001 kwamen ze in het nieuws. In januari 2002 werden twee Eindhovense jongens onder verdachte omstandigheden doodgeschoten in Kashmir. Volgens de AIVD waren ze gerekruteerd in de Eindhovense Al-Fourqaan moskee voor de jihad, de ‘heilige oorlog’. In 2002 werden twaalf verdachten aangehouden wegens ronseling voor de jihad. Negatieve berichten waren er ook over de El-Tawheed in Amsterdam en de Haagse As-Sunnah moskee. De onverhulde suggestie was dat de salafistische centra functioneerden als uitzendbureaus voor Al-Qaeda.

Nourdin Akhssay werd geboren in een katholieke wijk in Helmond en ging naar een katholieke middelbare school. Pas daar werd hij zich bewust van zijn islamitische afkomst. Maar toen hij voor het eerst ging bidden in de Omar Ibn Khattab moskee (gelieerd aan de Eindhovense Al-Fourqaan), werd hij luidkeels gecorrigeerd. Schoolgenoot Amr Nejjar nodigde hem uit voor een gesprek.

Nourdin werd opgenomen in een hechte gemeenschap van jongeren in de Al-Fourqaan. En meteen was hij een fanatieke gelovige. Bidden voor zonsopgang. Studeren. Discussiëren. „Je wilt alles zo goed mogelijk doen”, zegt hij daar nu over. Maar Nourdin was geen meeloper. Toen een jihadist kwam preken over de zegeningen van het martelaarschap, vroeg Nourdin hem: „Waarom ga je niet zelf?”

Tijdens zijn studie in Saoedi-Arabië merkte hij hoe de orthodoxe beweging aan het versplinteren was. Sommige selefies werden politiek en radicaliseerden. Anderen vonden dat moslims niet in opstand mochten komen tegen het gezag. Ook onder de Nederlandse studenten in Medina woedde het debat.

Nourdin wachtte geen fijne thuiskomst. In 2004 werd filmmaker Van Gogh vermoord door de moslimradicaal Mohammed B. Het woord ‘salafist’ stond nu bijna gelijk aan ‘terrorist’. De vertrouwde imams in de Al-Fourqaan werden door de immigratiedienst IND het land uitgezet.

Nourdin besloot zich aan te passen. „Dan maar acteren”, zegt hij. Innerlijk is hij niet veranderd. Goed, hij gaat niet meer elke dag naar de moskee. Maar zijn zoon Sayfuddin gaat naar een islamitische school. Zijn tweede zoon heet Nasrdin. ‘Overwinning van het geloof’, in het Arabisch.

    • Jaco Alberts
    • Steven Derix