Even de keizer een handje geven

Dit is een bericht voor de Azië-watchers.

De Chinese vicepresident Xi Jinping bezoekt deze week Japan, Zuid-Korea, Myanmar en Cambodja. Deze bescheiden tournee is in Azië nieuws voor de avondjournaals en de voorpagina’s van de kranten, omdat Xi Jinping hoogst waarschijnlijk in 2012 president van China en secretaris-generaal van de Chinese Communistische Partij zal worden, zeg maar de Chinese evenknie van president Obama. Xi is zich duidelijk zichtbaar aan het warm lopen.

Het bezoek aan Japan verliep uiteraard exact volgens schema, maar bevatte toch een volgens protocolkenners belangwekkende gebeurtenis. Normaal gesproken ontvangt de Japanse keizer geen bezoekende regeringsvertegenwoordigers onder de rang van staatshoofd of regeringsleider en al helemaal niet zonder maandenlange voorbereiding.

Bij de keizer even langs gaan om een handje te geven, is uitgesloten. Dacht men.

Voor Xi Jinping, een oud-gouverneur en een ex-soldaat, werd echter een uitzondering gemaakt. Drie dagen voor zijn aankomst in Tokio verzocht de nieuwe Japanse premier het hof om de Chinese vicepresident een audiëntie te gunnen. Nog nooit vertoond, zo blijkt. Een storm van protest volgde in Japan, er werd zelfs voor het keizerlijk paleis gedemonstreerd tegen deze inbreuk op het protocol.

Velen in Japan vinden dat de keizer niet gebruikt mag worden voor diplomatieke manoeuvres van de regering. Vervolgens viel op dat Xi een aanzienlijk minder diepe buiging maakte dan de Amerikaanse president Obama een maand geleden. Maar Xi, die op de graad nauwkeurig boog en de keizer dus niet de hand schudde, putte zich wel uit in vleiende woorden.

De ontmoeting tussen de keizer en de Chinese sterveling markeert volgens alle Chinese en Japanse media de sterk verbeterde relaties tussen de twee landen die de eerste helft van de vorige eeuw met elkaar in oorlog waren. Van de spanningen die zichtbaar waren in 2005 en 2006 is weinig meer te merken.

Japanse politici onthouden zich van bezoeken de Yasukuni-schrijn waar de Japanse oorlogsmisdadigers van de A-klasse worden geëerd. En de nieuwe Japanse premier heeft het aanhalen van de banden met China een buitenlandspolitieke prioriteit gemaakt.

Aan deze kant van de Gele Zee is van anti-Japanse sentimenten weinig meer te merken, hoewel in plaatsen als Nanking, Shanghai, maar ook in het noorden waar de Imperiale legers hebben huisgehouden nog niets is vergeten.

De snelle verbetering van de relaties is ingegeven door wederzijdse belangen. China streeft Japan in 2010 voorbij streeft als tweede en dus leidende economie van Azië. Voor het Japanse bedrijfsleven is China een cruciale markt en de belangrijkste handelspartner en China heeft Japanse technologie hard nodig om China te transformeren van een lage lonen-land naar een ontwikkelde economie.

Professor Wang Jiangmao die ik vandaag sprak voor een verhaal over de Chinese economie in 2010: „De relaties zijn nog nooit zo goed geweest en dat is niet alleen omdat Chinezen zo graag in Japanse auto’s rijden of zoveel van sushi houden. Japan is altijd een voorbeeld geweest van economische ontwikkeling, het Japanse innovatievermogen wordt zeer bewonderd en de Chinese jongeren volgen Japanse mode- en muziektrends.”

En: „We kunnen veel leren van Japan, ook van de fouten die zijn gemaakt in het Japanse economische management”, zegt professor Wang Jiangmao die doceert aan de Chinees-Europese Businessschool (CEIBS) in Shanghai. Niet Amerika is een voorbeeld, zegt hij, maar Japan. Dat blijkt de Japanse keizer goed begrepen te hebben.

    • Oscar Garschagen