Dinosaurussen ontwikkelden zich in Zuid-Amerika

De eerste dinosauriërs leefden meer dan 230 miljoen jaar geleden in Zuid-Amerika. Daar ontstonden in korte tijd ook drie belangrijke hoofdgroepen van dinosauriërs. Pas daarna verspreidden de reptielen zich wereldwijd over het vasteland van het toenmalige supercontinent Pangea.

Dat valt op te maken uit een nieuwe stamboom van vroege dinosaurusfossielen. Paleontologen hebben die gemaakt met behulp van het zeer complete skelet van de vleesetende dinosaurus Tawa hallae, een fossiel dat in 2004 ontdekt is in de Amerikaanse staat New Mexico. De ontdekking en de nieuwe stamboom is gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Science.

De drie hoofdgroepen van dinosauriërs die 230 miljoen jaar geleden in Zuid-Amerika al bestonden zijn de Ornithischia (met latere soorten als Triceratops en Stegosaurus), de Theropoda (vleeseters op twee poten, zoals Tyrannosaurus rex) en de Sauropodomorpha (waaronder grote dinosauriërs met lange nekken).

De 70 centimeter hoge Tawa is een Theropode. Twee bijna complete skeletten van deze nieuwe soort zijn in de afgelopen jaren opgegraven en geprepareerd, nadat wandelaars in 2004 op de botten stuiten. Bijzonder aan de 213 miljoen jaar oude fossielen zijn holtes in de ruggengraat en de schedel, die vergelijkbaar zijn met skeletholtes van moderne vogels. Dit kenmerk was tot nu toe alleen bekend van jongere fossielen.

In de nieuwe stamboom hebben verschillende vroege Noord-Amerikaanse dinosoorten hun nauwste verwanten in Zuid-Amerika en dus niet dicht in de buurt. Die soorten zijn al ontstaan in Zuid-Amerika voordat het oercontinent Pangea uiteen viel in verschillende deelcontinenten. Paleontoloog Sterling Nesbitt van de universiteit van Texas denkt dat dinosaurussen tenminste drie keer, in afzonderlijke migraties naar Noord-Amerika zijn getrokken.