Coalitie verdeeld over geld metrolijn

Coalitiepartijen CDA en PvdA in de Tweede Kamer zijn het oneens over extra geld voor de aanleg van de Noord-Zuidlijn. Het CDA wil het „bestuurlijk falen” van het Amsterdamse college niet belonen. De PvdA sluit extra rijksgeld in de toekomst niet uit.

De Tweede Kamer houdt morgen een spoeddebat over de problemen rondom de metrolijn. Gisteren stelde de enquêtecommissie van de gemeenteraad in een rapport dat Amsterdam in 2002 geen besluit had mogen nemen over de aanleg. De geschatte kosten zijn opgelopen van 1,4 miljard tot ruim 3 miljard euro.

Het Rijk heeft destijds een bijdrage van 1,1 miljard euro toegezegd. Daar blijft het ook bij, stelt CDA-Kamerlid Ger Koopmans. „Er is geen extra geld. Moeten we anders projecten in Drenthe of Overijssel gaan schrappen?” Tot nu toe is 683 miljoen van de rijksbijdrage overgemaakt. Koopmans wil morgen van staatssecretaris Huizinga (Verkeer, CU) de zekerheid dat het restant daadwerkelijk aan de aanleg wordt besteed. „Het moet niet in de Amsterdamse administratieve chaos terechtkomen.”

PvdA, GroenLinks en VVD beschuldigen het CDA van „Amsterdam bashen”. Lia Roefs (PvdA): „Een helpende hand is beter dan een opgeheven vingertje”. Roefs sluit een extra bijdrage in de toekomst niet uit: „Het Rijk mag niet de andere kant opkijken als een stad in de problemen is”. Ineke van Gent (GroenLinks) wil meer geld voor Amsterdam omdat de stad „destijds een strop om de nek is gelegd”.

PVV en VVD zijn juist fel tegen extra geld. Charlie Aptroot (VVD) noemt het een „Amsterdamse kwestie”. „Als er meevallers waren geweest, waren die ook gewoon in eigen zak gestoken.” De SP bepleit de oprichting van een landelijk projectenbureau voor grote projecten van nationaal belang. De PvdA wil betere afspraken hoe met dergelijke projecten om te gaan.