Merkel-II beleeft moeizame start

Nieuwsanalyse

Het tweede kabinet Merkel beleeft een onrustige start. Afghanistan en belastingen stellen de coalitie van CDU en FDP nu al op de proef.

Het wil maar niet rustig worden in het nieuwe kabinet van bondskanselier Angela Merkel. Een crisis over de Duitse militaire missie in Afghanistan, onenigheid met de coalitiepartner over de belastingpolitiek en ruzie met de deelstaten over geld: Merkels zorgvuldig opgebouwde beeld van kalmte en controle brokkelt razendsnel af.

Een luchtaanval in Afghanistan, waarbij onlangs onder Duits bevel veel burgerslachtoffers vielen en waardoor een bewindsman moest aftreden, bedreigt nu ook de positie van de huidige minister van Defensie, Karl-Theodor zu Guttenberg. Zijn voorganger vertrok roemloos. Het was een paar weken geleden onvoorstelbaar dat Zu Guttenberg, een van de populairste politici van Duitsland, al snel vragen over z’n aanblijven zou moeten beantwoorden. „Ook als het stormt, blijf ik staan. Zo ben ik opgevoed”, aldus de bewindsman.

Na de verkiezingen van september en de kabinetsformatie is het precies drie dagen rustig geweest in de coalitie van christen-democraten (CDU/CSU) en liberalen (FDP). Daarna begonnen de fricties. Politieke waarnemers in Berlijn merken op dat de noodgedwongen rust in de ‘grote’ coalitie van christen-democraten en sociaal-democraten (SPD) – die Duitsland de afgelopen vier jaar regeerde – „in feite onnatuurlijk” was. „In een kleinere coalitie is altijd meer strijd. De juniorpartner moet zich waarmaken.”

De verwachting is dat over de belastingverlaging deze week met de deelstaten een compromis wordt bereikt. Na moeizame onderhandelingen tussen de coalitiepartners over een nieuwe fiscale politiek, liggen nu sommige deelstaten dwars. Ze moeten formeel de verlaging goedkeuren, maar armere deelstaten eisen compensatie voor de financiële aderlatingen die ze daarvoor moeten doen.

Moeilijker te beheersen is het dossier-Afghanistan. De luchtaanval in Kunduz levert dagelijks nieuwe onthullingen op. Merkel zwijgt daar nadrukkelijk over. Dat doet ze altijd als het lastig wordt. Dan speelt ze op tijd en hoopt dat de rel overwaait. Meestal is dat zo, maar met Afghanistan is het anders – want onberekenbaarder.

De politieke onrust is veroorzaakt door de zwaarste militaire ingreep van Duitsland na de Tweede Wereldoorlog; historisch gezien uiterst gevoelige materie. Een Duitse commandant gaf in september het bevel tot een luchtaanval op een konvooi gestolen vrachtwagens. Bij dit bombardement zouden alleen Talibaanstrijders zijn gedood, beweerde dagenlang toenmalig minister van Defensie Franz Josef Jung. Tegen beter weten in, bleek later. Bij de NAVO, het Rode Kruis en ook op Jungs ministerie was dezelfde dag al bekend dat er veel burgerslachtoffers waren onder de 142 doden.

Het werd pas na Zu Guttenbergs aantreden als nieuwe minister van Defensie duidelijk dat zijn departement essentiële informatie over de aanval voor Jung had achtergehouden. Deze had daardoor de Bondsdag onvolledig geïnformeerd; een parlementaire doodzonde. Zu Guttenberg vond de luchtaanval aanvankelijk gepast, maar herzag zijn mening toen hij zich in de zaak verdiepte. Hij ontsloeg een generaal en een staatssecretaris wegens het achterhouden van informatie. Jung nam alsnog verantwoordelijkheid voor het informatiebeleid op Defensie en trad af als minister van Sociale Zaken, zijn functie in Merkels nieuwe kabinet.

Daarna heeft Zu Guttenberg voortdurend brandjes moeten blussen. De jonge minister, ster van de Duitse politiek, wordt met steeds meer onaangenaamheden over de aanval geconfronteerd. Manschappen van het Kommando Spezialkräfte zouden bij de actie aanwezig zijn geweest; er zouden mensen van de Duitse veiligheidsdienst bij betrokken zijn; ‘gericht doden’ zou het doel zijn.

Kortom, het was een aanval die volgens de Duitse pers een nieuw licht werpt op de militaire strategie van de Bundeswehr in Afghanistan: oorlog voeren. En dat is volgens de oppositie in strijd met het mandaat dat de Duitse Bondsdag ieder jaar trouw verlengt. „Gericht doden is onverenigbaar met de geest van het mandaat”, zei afgelopen weekend sociaal-democraat Hans-Peter Bartels, een defensiespecialist. De regering ontkent met klem dat in Afghanistan sprake is van een nieuwe en hardere aanpak en dat Duitse militairen buiten hun mandaat handelen.

De positie van Zu Guttenberg is weinig benijdenswaardig. Hij moet loyaal blijven aan de Duitse soldaten in Afghanistan. Daar werd hij zaterdag tijdens een bliksembezoek aanzienlijk koeler ontvangen dan daags na zijn aantreden. En hij moet ervoor zorgen dat over de luchtaanval de onderste steen boven komt: voor een parlementair onderzoek naar wat er op die vermaledijde vrijdag 4 september precies in Kunduz is gebeurd – en in Berlijn de weken daarna.

‘Afghanistan’ is voor de 38-jarige Zu Guttenberg in korte tijd uitgegroeid tot een ware vuurproef. Als hij die doorstaat, kan hij in de landelijke politiek ver komen – misschien wel tot in het Kanzleramt. Als hij faalt, kan hij opnieuw beginnen. In de provincie; in Beieren, zijn regio van herkomst.

    • Joost van der Vaart