Bij 't asvat lag Willy Schermelé's Kerst

Originele ontwerpen voor kerstkaarten van een van Nederlands bekendste muizen- en kaboutertekenaressen, Willy Schermelé, lagen bij de vuilnis. Maar Joost Groeneboer redde ze en zet ze nu bij op een website.

Eind jaren 80, in de tijd dat de vuilnis nog niet in ondergrondse containers verdween, vond ik op de Amsteldijk een klein archief van kinderboekenschrijver en -illustrator Willy Schermelé. Tussen de weggegooide proefdrukken en reproducties zat een flink aantal oorspronkelijk tekeningen, soms gesigneerd en met potlood van het opschrift ‘origineel’ voorzien. Van Willy Schermelé had ik nog nooit gehoord – ik dacht eerst dat het een man was – maar haar sprookjesachtige tekeningen deden me denken aan het werk van Rie Cramer en Anton Pieck. Ik besefte dat ik iets bijzonders in handen had en in plaats van het te verkopen, legde ik Schermelé’s archief in de kast met de gedachte er ooit nog iets mee te doen.

Daar bleef het liggen totdat ik vorig jaar op internet het artikel De herontdekking van Willy Schermelé las van A.M. Meurs, die zich er aan ergerde dat op de vele sites waar Schermelé’s naam voorkwam altijd haar sterfdatum ontbrak. Hij zette me op het spoor van Susanne Boer, die in een scriptie vertelt dat een Amerikaanse kunsthandelaar in 1988 op een boekenveiling van Van Gendt circa 240 originele tekeningen van Schermelé kocht. Eveneens in 1988 kwam via antiquariaat Putman een brieven- , ansichtkaarten- en boekencollectie uit de jaren 50-60 bij de Universiteitsbibliotheek van Amsterdam terecht. Kwam dit alles van de illustrator zelf, die dat jaar naar een verzorgingshuis ging, of werd het ook door iemand van de vuilnis gered?

Willy Schermelé (1904-1995) begint haar carrière in de jaren twintig als actrice, maar zonder veel succes. Vanuit de coulissen van het Flora Theater in de Nieuwe Amstelstraat maakt ze haar eerste karikaturen van revuesterren als Wiesje Bouwmeester.

Daarna ontwikkelt ze zich bij De Telegraaf en andere kranten als mode- en striptekenaar, een nieuw genre in die tijd. Ze schrijft en illustreert kinderboekjes, waarvan sommige om hun stereotypering nu niet meer zouden kunnen, zoals Het grote negerboek. Haar doorbraak komt met het muizenboek De avonturen van Speksnoetje in 1940. In de oorlog illustreert ze Hans en Grietje, Klein Duimpje en andere sprookjesboeken en slaat daarna haar vleugels uit naar Engeland, waar de uitgevers ‘minder krenterig zijn als hier’, aldus Willy Schermelé in gesprek met Susanne Boer.

Ze maakt tekeningen voor Goldilocks and the Three Bears en Enid Blytons Good Morning Book. Maar aan Schermelé’s buitenlands avontuur komt in 1957 een vroegtijdig einde, zo blijkt uit haar briefwisseling met uitgevers, omdat haar man, de jongensboekenschrijver Henri Taal, ongeneeslijk ziek is.

Terug in Nederland biedt ze bij ondermeer Margriet en de Libelle haar diensten aan ‘als schrijfster en tekenaar voor vrouwen en kinderen’. Maar steeds krijgt ze nul op het rekest. Nauwkeurig houdt ze lijstjes bij met de reproducties, maar ook originelen die ze als voorbeeld met haar brieven mee zendt. Veel van de genoemde tekeningen zijn nu in mijn bezit. Om te overleven tekent Schermelé kerstkaarten voor enkele grote Engelse uitgevers van wenskaarten, totdat het tij keert met de zeer succesvolle Winkie kinderboekenreeks.

Haar illustraties lijken nu misschien soms zoet en kitscherig, maar over het werk uit haar begintijd wordt anders gedacht. In Prentenboeken: ideologie en illustratie 1890-1950 van Saskia de Bodt en Jeroen Kapelle (2003) wordt haar werk origineel en vernieuwend genoemd.

Schermelé’s kinderboeken en kaarten worden op internet veelvuldig aangeboden en verzameld. Dit artikel voorbereidend, valt mijn oog op een advertentie op Marktplaats, waarin een doos met honderden schetsen en voorstudies van Willy Schermelé aangeboden wordt. Het is te mooi om waar te zijn. Na even doorvragen onthult de handelaar dat ze zo’n twintig jaar geleden door een vriend van een vriend gevonden zijn in Amsterdam bij het huis van Willy Schermelé.

Hij heeft geen idee wat het waard is, maar vraagt er een fiks bedrag voor. Al eerder heeft hij de verzameling aan het Letterkundig Museum aangeboden, maar die hebben geen budget. Dat heb ik ook niet. Ik kan de verleiding echter niet weerstaan. Zo wordt het versnipperde archief weer samengevoegd. Nu te zien op Schermelé’s nieuwe website: www.willyschermele.nl.

Reacties: info@willyschermele.nl

    • Joost Groeneboer