Li Ruirui was nog maagd toen ze deze kamer binnenkwam

Li Ruirui dacht dat er naar haar geluisterd zou worden, als ze in de stad een klacht zou indienen over haar school.

In plaats daarvan werd ze opgesloten en verkracht.

This Aug. 4, 2009 photo shows bunk beds in a room in a "black jail" in Beijing. Activists said more than a dozen illegal detention centers known as "black jails" exist in Beijing. (AP Photo/Greg Baker) ASSOCIATED PRESS

Van illegale gevangenissen, de tientallen ‘zwarte huizen’ in Peking en provinciale hoofdsteden, had Li Ruirui (21) uit het dorp Yuhuan in Anhui nog nooit gehoord. Haar oma’s vertelden altijd dat iedere hardwerkende Chinees met een klacht over de lokale bestuurders bij de hoge, wijze leiders in de verre hoofdstad verhaal kon halen.

Over de systematische tegenwerking door lagere autoriteiten en hun criminele handlangers in Peking, die tegen betaling petitionarissen opsluiten, laat staan over het risico verkracht te worden, had niemand haar verteld. Li Ruirui, wel de knapste, maar niet de slimste van haar klas, was boos omdat zij van school was gestuurd. „Ze zeggen dat ik te oud ben. Dat heeft me zo gekwetst”, fluistert ze door de telefoon.

Smeekbedes om toegelaten te worden op een andere school hielpen niet, protesteren bij het onderwijsbureau en de partijsecretaris al evenmin. Net als tienduizenden landgenoten met grieven tegen de overheid die niet door plaatselijke rechtbanken worden behandeld, nam zij zonder haar ouders te informeren op een zomeravond in juli de nachttrein naar Peking.

Op het Tiananmenplein bij de Grote Hal van het Volk werd Li Ruirui aangehouden door een politieman en overgedragen aan een jongen die het dialect van haar streek sprak en zich voordeed als politieman. Hij bracht haar naar het Juyuan Hotel, een van de vele ranzige hostels in de onderbuik van de stad. Goedkoop, schoon en veilig, zei hij nog.

„Ik dacht eerst dat het een gewoon hotel was, maar toen ik door een donkere gang naar een bijgebouwtje werd gebracht en achter mij de deur op slot werd gedaan, begreep ik het al niet”, vertelt ze telefonisch vanuit haar ouderlijk huis, terwijl haar oom en moeder meeluisteren.

Li Ruirui was, zonder het te beseffen, opgesloten in een zwarte gevangenis – om te verhinderen dat zij de volgende dag bij het petitiebureau haar klacht zou deponeren. Haar cipiers waren ‘petitionarissenvangers’, huurlingen in dienst van bange ambtenaren.

Hakkelend, met een kwetsbare stem: „Ik werd bewaakt door een jongen die de hele tijd zei dat hij met mij wilde spelen. ’s Nachts om twee uur, toen ik lag te slapen, kwam hij weer binnen. Hij zei: ‘Schoonheid, nu gaan we echt spelen’ en hij trok zijn broek omlaag en ging bovenop mij liggen. Ik weet nog dat ik hem in zijn gezicht heb geslagen, maar hij was te sterk, hij stak dat ding in mij...” Tot dat moment was ze nog maagd.

Li Ruirui breekt het gesprek af. Oom Wang neemt het over en vertelt dat zij „nog steeds onder de schaduw van die nacht” leeft. De verkrachting van Li Ruirui werd gehoord door elf hotelbewoners, andere gevangen petitionarissen en buren. Een daarvan belde die nacht Liu Dejun (34), een voormalige politieman die in een centrum voor daklozen werkt. Liu, een sociaal werker en kungfu-leraar, schakelde de politie in en alarmeerde de nationale en internationale media. Ondanks de censuur op het internet werd Li in het hele land bekend dankzij Liu.

Onder publieke druk werd de dader, de 26-jarige Xu Jian, gearresteerd. Afgelopen vrijdag werd hij tot acht jaar gevangenisstraf veroordeeld. Hij moet 230 euro schadevergoeding betalen aan zijn slachtoffer. Het vonnis stond zaterdag in alle Chinese kranten. In de Engelstalige Chinese pers werd voor het eerst gesproken over het bestaan van de zwarte gevangenissen. De zaak heeft de overheid in verlegenheid gebracht.

De zwarte gevangenis in het Juyuan Hotel was namelijk, zoals dat altijd het geval is, georganiseerd door overheidsfunctionarissen. In het geval van Li Ruirui door een plaatsvervangend districtshoofd, dat inmiddels is geschorst. Lokale bestuurders worden ieder jaar beoordeeld; zij kunnen daarbij punten verdienen, maar ook verliezen.

Volgens professor Yu Jianrong, die het petitiesysteem bestudeert, worden er punten afgetrokken als lokale bestuurders niet verhinderen dat petitionarissen naar Peking reizen. „Petities zijn slecht voor hun carrièrekansen en hun salarissen. Nog slechter is het als mensen in Peking gaan klagen”, zegt Yu Jianrong die, in verband met de gevoeligheid van de zaak, liever niet uitvoerig met buitenlandse journalisten wil praten.

Volgens het weekblad Liaowang (Uitzicht) en het persbureau Xinhua hebben bestuurders uit alle delen van het land zo’n 10.000 man in Peking gestationeerd om petitionarissen tegen te houden. „Het is een grijze industrie geworden, want er wordt goed betaald, 20 euro voor iemand uit de stad en 10 euro voor boeren met petities”, aldus het weekblad in de editie van 30 november.

Het is voor het eerst dat een weekblad dat alleen door de partijelite wordt gelezen over het fenomeen van zwarte gevangenissen schrijft. Liawang schat dat het om vijftien tot vijftig illegale detentiehuizen in Peking gaat en dat in alle provinciesteden waar petitiebureaus zijn gevestigd zich ook illegale detentiecentra bevinden.

„Het is een grove schande dat het bestaan officieel nog wordt ontkend”, zegt sociaal werker Liu Dejun op een vrieskoude novemberavond bij het Juyuan Hotel, waar Li Ruirui werd verkracht. Het is een grauw pand van donkerbruine baksteen met in iedere kamer een geelgroen peertje als verlichting. De prijzen zijn per uur, nacht, week en maand aangegeven. De rokende mannen bij de ingang laten zich in hun kaartspel door niets storen; iedereen kan binnenlopen.

Bouwvakkers zijn bezig de uitbouw waar Li Ruirui gevangen werd gehouden te slopen. Op de binnenplaats liggen matrassen en gedemonteerde stapelbedden. „Ze hebben het zwarte huis hier eindelijk gesloten. Mooi zo!”, constateert de tengere, maar zichtbaar gespierde Liu Dejun. Op zijn website heeft hij kaarten met locaties en filmpjes van getuigen geplaatst.

Op basis van gesprekken met petitionarissen en met daklozen probeert hij voortdurend te achterhalen waar zich zwarte gevangenissen bevinden. Dat kan in gewone hotels zijn, maar ook in de ondergrondse hostels, leegstaande fabrieken en zelfs in de officiële hotels van de provincies in Peking. Hij wordt daarbij geholpen door Feng Xixia, een schichtig kijkende vrouw van middelbare leeftijd die al sinds haar ontslag bij een staatsbedrijf de overheid bestookt met petities.

Zij heeft zes keer opgesloten gezeten in een zwart huis van de provincie Henan. De laatste keer was deze zomer, toen zij de auto van premier Wen Jiabao tot stoppen had gedwongen om haar petitie aan de premier te geven. Ze laat de foto van de gebeurtenis zien. „Ze pakken je op, nemen je telefoon en identiteitskaart af en sluiten je op in een hok”, vertelt ze. „Pas als je belooft niet meer te zullen klagen, laten ze je los. Als ze zien dat je wat geld hebt, laten ze je alleen los na betaling.”

Liu Dejun en Feng Xixia laten op deze avond zeven locaties zien die volgens hen gebruikt worden door lokale bestuurders van de provincies Henan, Hebei en Anhui om petitionarissen op te sluiten. Drie hotels ogen verdacht want de bewakers, Noord-Chinese types met vierkante koppen en gesloten gezichten, zijn niet van de politie, maar van provinciale beveiligingsfirma’s. Deuren en luiken gaan dicht zodra zij Liu Dejun en Feng Xixie zien met een buitenlander in hun gezelschap.

Bij de laatste stop, in een steeg achter een keurig ogend zakenmannenhotel bij het station Peking-Zuid, wordt er meteen stevig gescholden – en meent de voormalig politieman bekende ‘cipiers’ te herkennen. Het hotel wordt een week later door de Pekingse politie als zwart huis ontmaskerd en dichtgetimmerd. Vermoedelijk tijdelijk, denkt Liu Dejun.

Bekijk de website van sociaal werker Liu Dejun via nrcnext.nl/links

    • Oscar Garschagen