Nachtwinkel

Dick zei dat de keuze voor AZ een gevoelskwestie was. Altijd mooi, een voetbalcoach die van onder de huid spreekt. Het is toch anders dan gezeik over knijpen en doordekken.

Dat Advocaat gevoelens heeft staat buiten kijf. Wat heet, hij is één brok sentiment. Ik heb hem nooit anders gekend dan met een sluier vocht in de ogen. Dan met de glinstering van weemoed, bij avondlicht. Lampen van Philips hielpen niet.

Altijd weduwnaar op de bank.

Er zit een hoop gevoelens in het pakket van Dickie. Drift, eerzucht, zelfmedelijden, kleine rancune, een lichte vorm van hondsdolheid – om de zoveel tijd breekt het gemoed door de afstandelijkheid van het masker heen. Als een blikje Spa ontspringt het hem.

Op onbetrouwbaarheid hebben we de goede man niet vaak kunnen betrappen. Een enkele keer hield hij zich niet aan afspraken, maar dan waren hogere krachten in het spel. De macht van het geld, bijvoorbeeld. Dick mag graag een centje bijverdienen. Niet, zoals Louis van Gaal, door praatjes te verkopen voor relaties van Nationale Nederlanden, nee, er moet altijd wel een bal rollen. Gras onder de voeten, geen vast tapijt.

Nu is er dus die duobaan.

De komende maanden loopt Advocaat met een dubbele pet op: coach van AZ en bondscoach van België. Een moreel dilemma zou ik het niet noemen, maar bij de buren wordt het wel als verraad gezien. Of op zijn minst als opportunisme à la Hollandaise. De fanfare der gekwetsten loeit paginabreed in de media. Dick was van ons. Punt. Geen mensenkennis, die Belgen: als het begint te kriebelen is Dick van niemand meer.

Zelfkennis hebben ze ook niet.

Dat Advocaat nu, zonder noemenswaardig weerwoord, zijn weergaloze talent in Alkmaar mag gaan verzilveren, heeft de Belgische voetbalbond over zichzelf afgeroepen. Er is geen droeviger gezelschap denkbaar dan de KBVB. Alles wat daar beweegt, is ballotage en amateurisme. Voorzitter François De Keersmaecker: vleesgeworden koster. Enfin, desperado’s onder elkaar. Op hun knieën zijn ze gegaan om Advocaat binnen te slepen. Eindelijk een naam die hun laveloze nonbeleid kon verduisteren, zo niet toch coifferen. Alles was de nieuwe bondscoach toegestaan. Volmachten te koop. Als Dick gezegd had dat eerst nog de regering moest vallen voor hij toehapte, was het ook goed. Vanaf de eerste dag heeft Advocaat zijn ketenen geworpen over dat softenonbestuur. Fluitje van een cent. Niet eerder in zijn leven had hij zoveel jaknikkers om zich heen gezien. Beter gezegd: zoveel paljassen.

Ook in de publieke opinie was de hemelvaart van de kersverse bondscoach niet te stuiten. Een postmoderne pater Damiaan, zo werd hij ingejubeld door kranten, radio en televisie. De Haagse straatvechter liet het zich graag aanleunen. Hij werd er zowaar mediageniek door. Als was er een fleem van Alain Delon over hem gevallen. Na jaren van kilte in St. Petersburg kroop hij bijna pubergewijs in de warme jas van een nochtans miserabel voetballand. Gekruisigd in adoratie, zo zat hij de zondagavond in tv-shows. Het was als klaarkomen. Uitvouwbaarheid en Dick Advocaat: dus toch van elkaar.

Dan wordt het link in een land waar alles emotie is.

Zijn overspel met AZ werd massaal weggehoond. Ik dacht nog: Dick, doe er dan ineens maar dertien maagden bij, zoals Tiger Woods. Dan heb je er zelf ook nog iets aan. Die vreugde kunnen Dembélé en Pocognoli je nooit bezorgen. Maar roep maar eens iets tegen Advocaat, eens dat hij de noppen weer aangebonden heeft. Dan praat je toch tegen een middeleeuwse mummie.

Er is iets stukgemaakt tussen de bondscoach en de Rode Duivels. Zonder meer. Eigenlijk heeft hij het Belgisch elftal gedegradeerd tot een nachtwinkel. Wees dan ook consequent en zet een asielzoeker op de bank. Ga met Bert van Lingen een beetje flaneren op de Brusselse Avenue Louise. Van Vuitton naar Gucci, desnoods. Zoals de meeste Rode Duivels doen. Word parade in het kielzog van Estelle Gullit!

Dick Advocaat was zeer verontwaardigd over de ontstane commotie. Allicht: hij kan niet zonder verontwaardiging. Foeteren op een te zacht gekookt eitje: hij zou er zijn leven voor geven. Wat hij niet weet, is dat iconen ook een burgerplicht hebben. Al helemaal in een armlastig land. De plicht zowaar triomfboog van hoop en verlangen te zijn, zonder dissidentie. Zonder schijn en wezen.

Begin er maar aan, in Alkmaar.

Alkmaar is IJsland. Trollen en woekeraars in elkaars verlengde. Ook nog dubieus kunstwerkje aan de kont. Wie zou dan tapdanser willen zijn in die vergane glorie. Toch niet een held van Poetin.

Kom op, Dick, terug naar de Transvaalbuurt.