Connie Palmen heeft het niet zo goed begrepen

Connie Palmen maakt zich zorgen over de studenten Nederlandse taal en cultuur aan de Universiteit van Amsterdam (Opinie & Debat, 5 december). De hoogleraar, Thomas Vaessens, zou het verschil tussen hoge en lage cultuur van geen enkel belang vinden. Waarop Palmen deze mening baseert, weten we niet. In elk geval niet op het jongste boek van Vaessens, want wie deze studie beschouwt als een populistisch pleidooi voor nivellering tussen hoge en lage cultuur heeft haar slecht of niet gelezen. Nergens blijkt ‘kritiekloos toejuichen wat aanspreekt omdat het volk het mooi vindt’. De revanche van de roman is een literair-historische studie van de tweede helft van de twintigste eeuw, waarin Vaessens beschrijft hoe de literatuur aan belang verloor na 1968. Tevens laat hij zien hoe sommige romanschrijvers vanaf de jaren tachtig trachten voorbij het postmodernisme te komen en zoeken naar nieuw houvast. Van populisme is geen sprake, evenmin als van het negeren van de verschillen tussen literatuur en massacultuur. Wel is sprake van aandacht voor de context van de literatuur. Dat is iets waar wij onze studenten dan ook in scholen. Ons studieprogramma laat zien hoe hoog de eisen zijn die onder leiding van Thomas Vaessens gesteld worden. Niet alleen analyseren de studenten literaire werken, ze leren ook om verbanden te leggen tussen literatuur en maatschappelijke, politieke of culturele ontwikkelingen. Daarnaast maken ze kennis met culturele theorieën, zoals de sociologische theorie over ‘het culturele veld’, waar uitgelegd wordt hoe schrijvers ernaar streven deel van een elite te worden. Dat doen ze bijvoorbeeld door zich uit te spreken in een krant met een hoog ‘cultureel kapitaal’ (zoals NRC Handelsblad). Zo verkopen die schrijvers zichzelf en hun boeken.

Marita Mathijsen en Yra van Dijk

Docenten moderne Nederlandse letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam

    • Marita Mathijsen