Zwemster Nijhuis wint Europese kortebaantitel

Zwemster Moniek Nijhuis is gisteren in Istanbul Europees kampioen (kortebaan) op de 50 meter schoolslag geworden. Ze deed dat in 29,68 seconden, een nieuw Nederlands record. De Estse Jane Trepp werd tweede in een tijd van 29,82 en het brons ging met 29,92 naar de Duitse Janne Schaefer.

„Europees kampioen worden in dit sterke veld is waanzinnig goed”, zei Jacco Verhaeren, technisch directeur van de zwembond. De bondscoach had vooraf geen rekening gehouden met de titel voor Nijhuis. „Ze was medaillekandidaat, maar ik had goud niet verwacht. Een geweldige prestatie.”

Nijhuis reageerde tegenover Studio Sport verrast op haar overwinning. Ze zei geen rekening te hebben gehouden met de Europese titel, omdat zij in de finale met name Schaefer hoger had ingeschat. Dat het haar toch lukte kampioen te worden, „is een droom die uitkomt”.

Nijhuis stond lange tijd te boek als een groot talent. Ze blinkt vooral uit op de kortebaan. Op de langebaan is ze iets minder succesvol. Ondanks alle inspanningen om op de 100 meter internationale aansluiting te krijgen, miste Nijhuis vorig jaar kwalificatie voor de Olympische Spelen in Peking. Na de Europese kampioenschappen in Eindhoven besloot ze te stoppen bij NZA in Amsterdam en een rustperiode in te lassen. Zij gaf haar studie voorrang en trainde in clubverband bij De Dolfijn onder leiding van Hans Elzerman. Nu is ze aan een tweede carrière begonnen.

Minder succesvol waren gisteren in Istanbul de Nederlandse wisselslagzwemmers op de estafette. Op de 4x50 meter reikten zij tot de vijfde plaats. Het team bestond uit Nick Driebergen, Robin van Aggele, Joeri Verlinden en Bastiaan Tamminga.

Rusland werd Europees kampioen in een tijd van 1.31,80 minuten, een nieuw wereldrecord. Zilver was er voor het Duitse team (1.32,02), brons voor Frankrijk. Schrale troost: het Nederlandse viertal zwom met 1.32,94 wel een Nederlands record.

In de halve finales van de 100 meter vrije slag waren Ranomi Kromowidjojo en Inge Dekker dominant. Beiden wonnen hun halve finale en plaatsten zich simpel voor de finale. De tijd van Kromowidjojo was 51,54 seconden en die van Dekker 51,86. De Nederlandse zwemsters waren de enigen in de halve finales die onder de 52 seconden zwommen. Kromowidjojo zette en passant een kampioenschapsrecord neer.

Joeri Verlinden plaatste zich voor de finale 100 meter vlinderslag. In de halve finales zette hij met 49,86 seconden een derde tijd neer. Hij moest alleen de Sloveen Peter Mankoc en de Serviër Ivan Lendjer voorlaten.

Op de 100 meter schoolslag bereikte Robin van Aggele de finale. Hij zwom in de halve finales de vijfde tijd met 57,50 seconden.

De Europese kortebaankampioenschappen zijn de laatste grote wedstrijden waarin de snelle zwempakken zijn toegestaan. Vanaf 1 januari zijn zwemmers verplicht badkleding van gewoon textiel te dragen.

Nieuw bij de titelstrijd in Istanbul is dat de zwemmers in tien banen strijd leveren. (ANP)