Zo vlot bij de griep, zo traag bij de Q-koorts

Minister Verburg heeft te weinig gedaan om Q-koorts in te dammen. Ze had eerder en beter moeten zoeken naar besmettingen, meent Peter Wever.

Afgelopen woensdag kondigden de ministers Verburg (Landbouw, CDA) en Klink (Volksgezondheid, CDA) verregaande maatregelen aan om een explosie van Q-koorts tegen te gaan. Komende weken worden drachtige geiten op besmette geitenboerderijen geruimd.

Q-koorts wordt overgebracht van dieren op mensen. Patiënten hebben in de acute fase in de regel een mild griepachtig ziektebeeld, maar de ziekte kan ook ernstig verlopen met de dood tot gevolg. Bij veel patiënten gaat de infectie over in het zogeheten Q-koorts-gerelateerde vermoeidheidssyndroom. Q-koorts kent verder een ernstige chronische variant die zich uit als een ontsteking van de hartkleppen. Q-koorts kan worden overgedragen van moeder op (ongeboren) kind met kans op abortus of vroeggeboorte.

In juni meldde het RIVM dat er mogelijk vier patiënten met Q-koorts waren overleden. Minister Verburg was hier niet blij mee, ze noemde het „discutabel” dat het RIVM in zo’n situatie met een schatting van het aantal doden kwam. Maar inmiddels blijkt uit aanvullend onderzoek, gecombineerd met de gegevens van het RIVM, dat Q-koorts bij tenminste elf patiënten heeft bijgedragen aan het overlijden (de overleden patiënten leden ook aan andere ziekten). Dit cijfer komt overeen met de internationale literatuur waar een sterftepercentage wordt genoemd van 0,9 tot 2,4 onder opgenomen patiënten.

Q-koorts kwam in het voorjaar van 2007 in Nederland. De ziekte heeft zich uitgebreid tot de grootste Q-koortsepidemie ter wereld met meer dan 3.400 ziektegevallen. De Nederlandse aanpak van Q-koorts verschilt hemelsbreed met die van de Mexicaanse griep. Terwijl bij de Mexicaanse griep tot op stoel- en vluchtnummer beschreven is welke dragers Nederland binnenkwamen, faalden de veterinaire instanties van minister Verburg volledig bij het in kaart brengen van de Q-koorts.

Tot oktober dit jaar werden slechts vijf besmette geitenbedrijven gevonden. De exacte locatie werd geheim gehouden. Verzoeken om bronopsporing bij geitenbedrijven naar aanleiding van klachten van omwonende Q-koortspatiënten werden met grote vertraging in behandeling genomen. Hoe inadequaat het eerdere brononderzoek was, werd deze week pijnlijk duidelijk, toen uit onderzoek naar melk bleek dat er tenminste 55 besmette geitenbedrijven zijn.

Afgezien van de constatering dat minister Verburg het belang van de volksgezondheid slecht heeft gediend, is het de vraag of zij de landbouwbelangen goed heeft behartigd. De deze week uitgelekte ‘vlekkenkaart’ laat zien dat besmette bedrijven zich ook bevinden in het westen van Brabant, het zuiden van Limburg en Utrecht. Uitbreiding van de besmettingen naar deze regio’s had waarschijnlijk voorkomen kunnen worden, als er eerder goed brononderzoek had plaatsgevonden en er krachtiger maatregelen waren genomen. Zolang zij niet wist welke bedrijven besmet waren, had minister Verburg moeten voorkomen dat landbouwers in West-Brabant gratis geitenmest uit Oost-Brabant uitreden over hun land. Ook had zij moeten voorkomen dat geiten van Brabantse bedrijven werden geïntroduceerd in Q-koortsvrije regio’s buiten Brabant.

Binnenkort wordt begonnen met het ruimen van duizenden drachtige geiten. De reden is dat men veronderstelt dat abortusresten van geïnfecteerde drachtige geiten de belangrijkste besmettingsbron van Q-koorts zijn. Hierbij zal in ieder geval op niet-gevaccineerde bedrijven voorbij worden gegaan aan het feit of een individuele geit wel of niet is besmet. Deels als gevolg van een afwachtende houding ontbreekt het nu aan mogelijkheden om alle dieren individueel te testen voor het begin van het lammerseizoen in februari 2010.

Hoewel omstreden, had minister Verburg eerder haar hoop gezet op het inenten van geiten en schapen met een experimenteel vaccin. Aanvankelijk vrijwillig en alleen in de getroffen regio, maar later verplicht en in heel Nederland. In het bijzijn van de landelijke pers gaf de minister in het najaar van 2008 het startschot voor de vaccinatiecampagne door zelf de eerste geiten aan te dragen die gevaccineerd werden. De minister verwachtte dat hiermee het aantal Q-koortspatiënten in 2010 gestabiliseerd zou worden en dat daarna het aantal patiënten zou dalen. Maar het vertrouwen hierin lijkt afgenomen, nu het resultaat niet wordt afgewacht.

Het beleid van minister Verburg inzake de Q-koorts heeft verregaande negatieve gevolgen gehad voor de volksgezondheid én de landbouwsector.

Peter Wever is arts-microbioloog bij het Jeroen Bosch Ziekenhuis te ’s-Hertogenbosch.

    • Peter Wever