Kafka's erfenis: een proces zonder eind

Iedere keer als er een niet voor publicatie bedoeld manuscript van een belangrijke schrijver wordt uitgegeven laait de discussie op over de vraag: mag dat wel? Vaak gaat het dan om beweegredenen van de erfgenamen. Is het hun te doen om de literaire en historische betekenis van het nagelaten werk, of zijn zij vooral uit op het grote geld?

Er woedt op dit moment zo’n discussie over Vladimir Nabokovs onvoltooide roman Het origineel van Laura. De perfectionist Nabokov die erom bekend stond eindeloos aan zijn teksten te sleutelen had zijn vrouw Vera opdracht gegeven zijn op systeemkaarten genoteerde romanfragmenten te vernietigen. Dat deed zij niet. Jarenlang lag Laura in een kluis totdat Nabokovs zoon Dmitri het dit jaar tegen grof geld vrijgaf voor publicatie.

Het finale argument om vooral niet naar de laatste wensen van kunstenaars te luisteren, is altijd de nalatenschap van Kafka. Voor zijn dood in 1924 gaf Kafka zijn vriend en executeur-testamentair Max Brod schriftelijk opdracht zijn manuscripten te vernietigen. ‘Beste Max, alles wat ik nalaat moet ongelezen worden verbrand.’ Had Brod hier gevolg aan gegeven dan hadden wij het moeten stellen zonder Het slot, Amerika en Het proces. Brod gaf de drie romans al in het interbellum uit. Achteraf was dit ‘verraad’ van Brod een van de invloedrijkste daden uit de literatuurgeschiedenis van de 20ste eeuw.

Voor zover Brod de manuscripten van Kafka voor de oorlog níét in handen wist te krijgen, werd aan de laatste wil van de schrijver voldaan door de Gestapo die begin 1933, na de machtsovername door Hitler, 20 dagboeken en 35 brieven in beslag nam in de Berlijnse woning van Kafka’s vriendin Dora. De manuscripten die in handen van de nazi’s vielen zijn nooit teruggevonden. In de nacht voor de bezetting van Praag door de Wehrmacht in maart 1939, slaagde Brod erin met de meeste paperassen van Kafka naar Palestina te ontkomen, waarna ook het overige nagelaten werk kon worden gepubliceerd.

Max Brod, die in 1968 in Tel Aviv stierf, liet zijn Kafka-archief na aan zijn secretaresse Esther Hoffe. Per testament legde hij vast dat ze de verzameling moest overdragen aan de Nationale Bibliotheek in Jeruzalem, ‘of een ander openbaar archief in Israël of daarbuiten’. Maar de geschiedenis herhaalde zich en ook de laatste wil van Brod werd niet uitgevoerd. Hoffe verkocht de belangrijkste stukken aan de hoogste bieder. In 1988 betaalde de Duitse staat haar bijna 2 miljoen dollar voor het manuscript van Het proces.

Toen Esther Hoffe in 2007 op 101-jarige leeftijd overleed, bleek dat zij de via Brod verworven nalatenschap van Kafka, volgens haar bestaande uit ‘schetsen, brieven en tekeningen’, aan haar twee dochters had nagelaten. Deze inmiddels bejaarde zusters, Eva Hoffe en Ruti Wisler, weigeren nu deze erfenis aan de Nationale Bibliotheek in Jeruzalem over te dragen.

Niemand heeft een vermoeden van wat er zich in hun bankkluis en vochtige appartement te Tel Aviv bevindt en in welke staat. Mogelijk ligt er het ontbrekende hoofdstuk van Het proces weg te rotten of een even meesterlijk verhaal als De gedaanteverwisseling. De zussen houden hun lippen stijf op elkaar, in de hoop hun erfenis voor veel geld te kunnen verkopen aan Duitsland.

De dreigende verkoop aan Deutsches Literaturarchiv Marbach, waar het manuscript van Kafka’s Der Prozeß bewaard wordt, was een jaar geleden reden voor de Nationale Bibliotheek van Israël om de afhandeling van de erfenis aan de rechter voor te leggen. Israël hecht er aan dat het Joodse erfgoed in eigen land blijft.

De rechtbank in Tel Aviv behandelt nu de zaak, die volgens de Israëlische krant Ha’aretz ‘kafkaëske proporties’ aanneemt. Pas na een speciaal verzoek werd een verslaggever van de krant tot de rechtszaal toegelaten, waar hij uit de mond van rechter Talia Kupelman optekende: ‘Het is wel erg symbolisch dat degene die het proces leidt Rechter K. heet.’ Een verwijzing naar de eerste zin van Het proces, de bekendste die Kafka heeft geschreven: ‘Iemand moest Jozef K. belasterd hebben, want zonder dat hij iets kwaads gedaan had, werd hij op een ochtend gearresteerd.’

Inmiddels heeft rechter K. een onafhankelijke executeur-testamentair aangesteld. Die vertelde de rechtbank hoe de erfgenamen hem tegenwerken. Eva Hoffe weigerde hem de sleutels van de kluizen en haar appartement te geven. Ook heeft ze gedreigd zelfmoord te plegen als haar Kafka-schat naar de Nationale Bibliotheek van Israël gaat.

Hoe lang de zaak nog gaat duren, weet niemand. Maar ook als er betekenisloze restanten tevoorschijn komen – kon Kafka deze geschiedenis bedacht hebben, een proces over een proces over een proces over wat eigenlijk?

    • Elsbeth Etty