Een heffing op de bonus van bankiers

De Franse president en de Britse premier roepen op tot een heffing op bonussen.

Hun gezamenlijke brief moet wonden helen na de strijd om de Europese posten.

Frankrijk wil, in navolging van Groot-Brittannië, een eenmalige belasting doorvoeren op bonussen in de financiële sector. Dat schreef de Franse president Sarkozy gisteren samen met de Britse premier Brown in The Wall Street Journal.

De belasting die de politiek leiders voorstellen betreft een eenmalige heffing van 50 procent op bonussen boven 25.000 pond sterling (circa 28.000 euro), die zich concentreert op het deel van de bonus dat direct gekoppeld is aan prestaties.

Sarkozy en Brown gedragen zich als echte Europeanen. Onder elkaar voelen ze zich niet zo Europees en benadrukken ze onderlinge verschillen. In gezelschap van niet-Europeanen realiseren ze zich wat ze gemeen hebben, en kunnen ze de rijen sluiten.

Tot vorige week vochten de beide politici als straatkatten om binnen de Europese Unie de hoogste, meest prestigieuze posten in de wacht te slepen. Ook onderhandelden ze keihard over financiële regulering. Nu de posten zijn verdeeld en er een compromis is over Europees banktoezicht, is het tijd voor eensgezindheid. De brief is bewust gericht aan de Amerikaanse zakenelite.

In het opiniestuk pleiten de politici voor meer mondiale financiële hervormingen. Sarkozy en Brown stellen vast dat Europa de rest van de wereld de weg wees naar effectieve crisisbestrijding: meer internationale economische samenwerking.

Waren het niet de Europeanen die de G20 oprichtten? Was het niet de EU die in dit nieuwe forum fiscale stimuleringsmaatregelen voorstelde als middel de crisis door te komen? Die pleitte voor het afschaffen van belastingparadijzen, excessieve bonussen en andere uitwassen van de mondiale economie die de belastingbetaler zo duur zijn komen te staan?

Veel macro-economen vinden de G20 een ad-hoc-orgaan dat vooral aan symboolpolitiek doet. Belastingparadijzen zijn niet afgeschaft, bankiersbonussen gaan omhoog. Veel Europese leiders wantrouwen de G20, want de Britten doen er voorstellen die lijnrecht ingaan tegen Europees beleid.

De G20 als bliksemafleider voor intra-Europese conflicten – dat had niemand nog bedacht. Maar als burgers zich vooral Europees voelen buiten Europa, waarom zou dat dan niet ook voor hun leiders gelden?

Verderop schrijven Sarkozy en Brown dat één van de hervormingen die in hun ogen prioriteit heeft, een „belasting op bonussen” is. Het opiniestuk leest als een catharsis, een soort rituele loutering. De Frans-Britse steekpartijen van afgelopen weken hebben de betrekkingen tussen beide landen beschadigd en het imago van een verdeeld Europa pijnlijk geaccentueerd.

Eerst zei Brown dat hij met de benoeming van de hoge Europese buitenlandvertegenwoordiger, Catherine Ashton, de „allerbelangrijkste post in Europa” in de wacht had gesleept. Zij zou binnen de Commissie ook besluiten kunnen stoppen „die niet in het Britse belang” zijn.

Een week later sneerde Sarkozy dat het „Anglo-Amerikaanse financiële model, veroorzaker van de crisis, had verloren” nu een Fransman eurocommissaris Interne Markt én Financiële Regulering wordt. Hij herhaalde dit vorige week toen EU-ministers een akkoord bereikten over Europees banktoezicht.

Vroeger, zeggen laconieke Brusselgangers, maakten Europese landen oorlog op het slagveld. Nu doen ze hetzelfde aan de vergadertafel. Dat is toch vooruitgang?

Maar het bijleggen van Europese ruzies is lastig. Daarom prijzen Brown en Sarkozy het Franse ideaal van een „rechtvaardig, gecontroleerd kapitalisme, in lijn met de waarden van families en kleine bedrijven: hard werken, verantwoordelijkheid, integriteit en eerlijkheid”.

En promoot de brief de bonusbelasting die de Britse minister Darling woensdag nationaal introduceerde, en wordt Europa geportretteerd als een economisch powerhouse.

    • Caroline de Gruyter