Studeren in Roemenië, dat is pas deprimerend

In Roemenië wisselt het onderwijsbeleid met iedere minister. Studenten vragen zich moedeloos af: op wat voor examen moet ik me nu weer voorbereiden?

Het bed met clowntjessprei van derdejaars student Duits en Engels Miruna Surcel (21) staat nog geen meter van dat van haar kamergenoot, een bloedserieuze tweedejaars natuurkunde. „Het matras is prima”, doet ze verend voor. De kamergenoot, niet zelf uitgezocht, is niet het toppunt van gezelligheid, maar dat is goed voor de concentratie. Aan het hoofdeinde van beide bedden staat een kleine tafel met computer. Om er een boek neer te kunnen leggen of tijdens het eten, zetten ze hun toetsenbord op schoot.

De grijze hoogbouw op de campus in Timisoara is slecht geïsoleerd. In de winter draait het elektrische kacheltje tussen de voeteneinden overuren, maar Miruna is „ontzettend blij” met het tl-verlichte hokje van ongeveer 12 vierkante meter. „Tweepersoons…” Het alternatief is met vier anderen iets delen of huren in de stad. „Dat is onbetaalbaar, dan zou ik waarschijnlijk niet verder kunnen studeren.” De campuskamer kost 20 euro per maand, inclusief snel internet, cruciaal om met haar vriend te chatten die in Engeland werkt.

Miruna, lang en slank en tijdens de lessen met bril en paardestaart, is een van de tien studenten van de faculteit Letteren van de Vest Universiteit wier score afgelopen jaar hoog genoeg was voor een tweepersoonskamer. „Zes punten voor mijn cijfers en één extra voor een congres waaraan ik meedeed”, rekent ze voor.

Behalve voor de campus tellen middelbare schoolcijfers zwaar voor een studiebeurs en om toegelaten te worden tot een deel van de universiteiten. Dat principe is niet verkeerd, vindt Miruna. Maar erg lastig als het curriculum en de exameneisen net zo vaak wijzigen als de minister van onderwijs.

Het is in heel Roemenië een grote frustratie van scholieren die naar de universiteit willen: door de onstabiele politiek hebben ze geen idee meer op wat voor examen ze zich moeten voorbereiden, klagen ze. Wie zeker wil zijn van een plek betaalt zich bovendien blauw aan tests. Hooguit Remus Cernea (35), van de groene partij, probeert de onderwijsproblemen te agenderen. „Studenten in Roemenie zijn depressief”, zegt hij in de McDonald’s in Boekarest, „omdat ze geen toekomst in eigen land zien.”

Na tienen is het in studentenstad Timisoara donker en stil op straat. Stappen is te duur om het vaak te doen. ’s Avonds laat hangt Miruna meestal op de kamer van een vriendin in een gezelligere flat. „Toen ik begon met studeren geloofde ik nog dat alles mogelijk was en zou veranderen, nu niet meer”, zegt ze terloops, alsof ze niet pas begin twintig is.

Ze werkt hard. „Ik wil mijn ouders niet teleurstellen. Ik ben enig kind.” Haar ouders wonen in een stadje ongeveer 300 kilometer verderop, zes uur met de bus. Op zondag staat haar moeder de hele dag in de keuken en stuurt het resultaat in goed ingepakte bakjes met de buschauffeur mee naar Timisoara. Op de begane grond van een van de flats zit een filiaal van Western Union, voor het geld dat van familieleden komt die in Italië werken.

Roemeense studenten combineren vaak meerdere studies. Om negen uur ’s avonds wordt in een bloedheet lokaal op de vijfde verdieping van de faculteit Letteren nog Nederlands als bijvak gevolgd. In de bankjes zitten vijftien studenten, vooral vrouwen. Gelachen wordt er weinig, over politiek is iedereen cynisch. Het is het einde van een lange dag.

Elena-Raluca Weber (22), slotjesbeugel en halflang blond haar, doet naast een master Engels en Duits ook Internationale Betrekkingen. Een streber die in volzinnen de problemen van haar land analyseert. De snelle veranderingen in het onderwijs – „ik ben de tel kwijt” – laten een „identiteitscrisis” zien, zegt ze. „Ons onderwijs is in de kern goed, maar het ene jaar doen we de Fransen na, dan weer wordt het Zweedse of Duitse model ingevoerd. We hebben inmiddels alle westerse modellen wel gehad. Overgenomen zonder ze aan onze eigen situatie aan te passen. We zouden moeten nadenken over wat Roemeens is.”

Roemeens is vooralsnog vooral de grote groep onderbetaalde docenten, die nu verplicht acht dagen onbetaald verlof opneemt, omdat de regering worstelt met betalingsproblemen. De lage salarissen en hoge prestatiedruk maken het voor beide partijen aantrekkelijk een derde weg te zoeken. Wie een hoog cijfer nodig heeft, koopt de professor om, geven zowel studenten als een docent in privégesprekken toe. De transactie loopt meestal via een tussenpersoon, zoals de secretaresse. De minister van Onderwijs poogde afgelopen zomer tevergeefs de Spiru Haret universiteit (ruim 300.000 studenten) in Boekarest te sluiten wegens omkooppraktijken. Spiru Haret was in 2008 volgens het financiële dagblad Ziarul Financiar het meest winstgevende Roemeense bedrijf. Miruna denkt erover om ook maar naar het buitenland te gaan.