Onveilig Rotterdam

Het hooliganisme is het stadion uit en zoekt nu de confrontatie met de politie elders. In een stad waar jaarlijks 1.700 evenementen worden gehouden, is dat angstaanjagend. Nog los van het hooliganisme zelf, waarvan iedere nuchtere beschrijving steeds weer verbazing oproept. Er bestaat, in elk geval in Rotterdam, een omvangrijke groep geweldbeluste jongeren die, dronken en gedrogeerd, „voor niets terugwijkt”. Het was deze groep die agenten op 22 augustus op het strand van Hoek van Holland met voorbedachten rade aanviel, opjoeg en in het nauw bracht.

Het onderzoeksrapport van het COT, het instituut voor veiligheids- en crisismanagement, laat een litanie aan bestuurlijk feilen zien, dat zelden in deze omvang is vertoond. Maar de gepleegde feiten zijn en blijven het meest schokkend. Het festival Sunset Grooves bleek door de daders als een goede kans voor een lynchpartij te zijn gekozen. De hooligans telden luidkeels af, waarna de agenten in doodsnood van waarschuwingsschoten overgingen op gericht schieten.

Het COT-rapport zet zo ook de schijnwerper op een aspect van de moderne samenleving dat niet eenvoudig met een raadsdebat, reorganisatie, sanering of ontslag is te redresseren. Deze vorm van hooliganisme is geen voortzetting meer van het voetbalduel op straat met andere middelen. Het is losgeslagen en zoekt nu waar mogelijk in de stad de confrontatie met de politie. Gedrogeerde knokgroepen dus, met een „criminele levensstijl”, aldus het rapport.

Dat stelt vragen van een heel ander kaliber. Ieder publieksevenement in Rotterdam kan voortaan als risico-evenement worden beschouwd. Droogjes constateren de onderzoekers dat 1.700 publieksevenementen „te veel” zijn. Dat lijkt een waarheid als een koe. Aangezien dit type bendes de politie zelf als doelwit kiest, wordt hier expliciet de machtsvraag over de straat en de stad zelf gesteld. Wie is er de baas? Kan de burger die enig publieksevenement in Rotterdam bezoekt, nog vertrouwen op een veilige thuiskomst? Is een agent er zelf eigenlijk veilig?

De staat van de Rotterdamse politie ziet er niet bemoedigend uit. Het rapport somt een reeks blunders op. Gebrek aan scherpte, aan coördinatie, aan communicatie, routineus handelen, ontoereikend reageren, gebrekkige risicotaxatie.

Het duidt op een diepgeworteld probleem dat gebrek aan vakkennis, taakvolwassenheid, zelfstandigheid en inzicht verraadt. Met als direct gevolg dat enige tientallen agenten zonder back-up met „levensbedreigend geweld” werden geconfronteerd. Het leidde tot salvo’s schoten die in de geschiedenis van de Nederlandse politie nooit eerder voorkwamen. Dat er maar één dode viel, is achteraf een wonder.

Korpschef Meijboom en burgemeester Aboutaleb staan nu voor de vraag of zij moeten aftreden. Beiden vinden van niet. Aboutaleb is nauwelijks een jaar burgemeester – hij kan nog geloofwaardig puinruimen. Maar Meijboom is al korpschef sinds 2001. Dit komt voor zijn rekening – en die moet betaald worden. Meijboom moet aftreden.