Hubble-ruimtetelescoop kijkt verder dan ooit

Na zijn recente upgrade kijkt de Hubble-ruimtetelescoop verder de ruimte in dan ooit. Hubble richtte zijn nieuwe Wide Field Camera 3 (WFC3) op het sterrenbeeld Oven (Fornax). Astronomen wereldwijd buigen zich er nu over, op zoek naar het verste sterrenstelsel ooit. En dus ook: naar sterrenstelsels uit de oertijd van het heelal. Want licht dat van ver komt, was ook lang onderweg.

Vijf jaar geleden maakte de Hubble van hetzelfde gebied aan het firmament ook al een plaat, met daarop de verste sterrenstelsels die mensen ooit ontwaard hebben. Die foto toonde statige spiraalstelsels (ons melkwegstelsel is ook een spiraalstelsel) uit de tijd dat het heelal ongeveer een miljard jaar oud was. Maar ook vreemder gevormde stelsels – in de vorm van tandenstokers of van de sluitinkjes van armbanden – die misschien al ontstonden toen het heelal pas 400 tot 800 miljoen jaar oud was. Ofwel: in een tijd waarin het heelal nog maar 5 procent van zijn huidige leeftijd (13,7 miljard jaar) had bereikt.

De nieuwe opnames moeten inzicht geven in de vorming van deze prille stelsels. Terwijl de oudere opnames zichtbaar licht vastlegden, detecteerde de WFC3 infrarood licht. Dat licht, dat onzichtbaar is voor onze ogen, heeft golflengtes van ongeveer tweemaal die van zichtbaar licht. En juist het ultraviolette licht uit jonge en hete sterren uit de vroegste stelsels zou in de loop van ruim 13 miljard jaar oprekken (door de uitdijing van het heelal) tot infrarood licht.

Om dit licht zichtbaar te maken, zoals in deze opname, werden de beelden bewerkt. De langste infraroodlengtes werden naar zichtbaar ‘rood’ licht vertaald, de kortste naar ‘blauw’. De echt grote sprong voorwaarts volgt in 2014: de lancering van de James Webb ruimtetelescoop. De Hubble naderde de oerknal ‘tot een steenworp’, die telescoop moet tot het tuinhekje voor de oerknal reiken.