De Zitting / Advocaat bepleit hogere boete zodat betaling kan worden gespreid

kledingzaakHuurschulden en ‘slechte’ vrienden. Dat bracht de 25-jarige student boekhoudkunde Girvin D. ertoe om bij Peek & Cloppenburg en WE kleren te stelen. Zijn advocaat bepleitte dinsdag voor de Rotterdamse rechtbank een hogere geldboete dan de officier had geëist. “Dan kan het in termijnen.”

Ondanks zijn grote postuur, probeert Girvin zich heel klein te maken. Zijn schouders hangen en als hij voor de rechter zit kijkt hij voortdurend naar beneden. Maar zijn kleding valt op: een felrood T-shirt en evenzo gekleurde veters in zwarte sportschoenen. Op zijn neus een designbril met zwaar montuur. Eigenlijk hoort de eerstejaars mbo-student boekhoudkunde hier niet. Daar zijn rechter Van Essen en officier van justitie Knobbout het al gauw over eens.

Daarom is het eigenaardig dat Girvin op 27 juni in Rotterdam is aangehouden op verdenking van winkeldiefstal. In zijn tas zaten kleren van WE en Peek & Cloppenburg en nog wat niet afgerekende spulletjes van de Etos.

Problemen thuis

Als de officier de tenlastelegging heeft uitgesproken, gaat de rechter over tot ondervraging van de verdachte. Heeft u dat gedaan, wil hij weten. “Dat klopt”, zegt Girvin. Waarom hij dit deed? “Ik heb veel problemen thuis”, legt hij uit. “Huurachterstand, veel schulden.” En hij werd beïnvloed. “Ik heb slechte vrienden die dat ook deden.” Maar daar heeft hij inmiddels mee gebroken, verzekert Girvin.

“Wat vindt u hier eigenlijk allemaal van?”, vraagt de rechter.
Het blijft stil.
“Dit is uw eerste keer?”
Dat beaamt Girvin.
“U heeft er veel spijt van”, zo leest de rechter af aan Girvins lichaamshouding.

Als Girvin op het transactievoorstel van het openbaar ministerie in was gegaan, had hij hier niet hoeven zitten. Maar de 198 euro kon hij niet betalen. “Voor winkeldiefstal worden soms ook andere straffen opgelegd”, zegt de rechter. “Wat moet ik hier nu mee?”

Een antwoord blijft uit. Er valt een ongemakkelijk stilte. De rechter trommelt met zijn vingers op de tafel. “U vindt het net zo lastig als ik, geloof ik.”

Financiën

Op verzoek van de rechter geeft de student inzage in zijn financiën. Van de Informatie Beheer Groep ontvangt hij 720 euro per maand, inclusief lening. En met zijn bijbaantje in de spoelkeuken van een restaurant verdient hij 100 tot 150 euro per week. Van dat inkomen gaat 320 euro aan huur af en ook de premies voor de verzekeringen. Maar dat is nog niet alles. “Ik heb 1000 euro huurschuld en meerdere brieven van deurwaarders gehad.” Advocaat Rafaela valt hem bij. “Hij moet 190 euro per maand betalen om de huurschulden in te lopen.” En anders is hij gewoon zijn huis kwijt, voegt ze er aan toe.

“Ja, zo gaan die dingen”, zegt de rechter. Maar dit is nog geen reden om te gaan stelen, benadrukt hij. “Dan worden de problemen alleen maar groter.” Girvin weet daar even niets op terug te zeggen. “Gaat het goed, die opleiding?”, vraagt de rechter. “Ja”, zegt Girvin. “Het gaat goed.”

Niet uitgaan

De advocaat krijgt het woord. Op haar vraag wat voor straf Girvins voorkeur heeft, antwoordt de student dat hij een geldboete wil. “Hoe had je dat in gedachten?”, wil de advocaat weten. “Vijftig euro per maand”, zegt Girvin beslist. “Dat kan ik nu wel betalen, want ik werk nu meer.”

“Oké, u wilt dus iets in termijnen”, zo vat de rechter de dialoog samen. De geldstraf die de officier eist is daar echter niet hoog genoeg voor: die houdt het bij 198 euro, hetzelfde als het eerdere transactievoorstel. “Voor zo’n bedrag kan geen afbetalingsregeling getroffen worden”, weet de rechter.

De officier wil het nog even over de zaak hebben. “U weet dat winkeldiefstal niet mag. De pakkans is niet groot, dus wie zegt dat het de eerste keer is? Ik moet u maar op uw woord geloven.” 198 euro is een reëel bedrag voor dit soort feiten, benadrukt hij. “Het gaat om drie winkeldiefstallen op één dag, maar ik houd het op een eenmalige uitglijder. Ik ga gewoon weer die boete eisen. Dan maar een keertje niet uitgaan.”

Dan komt de advocaat met een bijzonder voorstel. Ze stelt een geldstraf van 250 euro voor. “U eist dus een hogere boete?”, informeert de rechter, die al begrijpt waarom. Boetes vanaf 250 euro kunnen namelijk wél in termijnen voldaan worden. “Dat lijkt me niet juist”, zegt de rechter, die de eis van de officier overneemt: 198 euro ineens betalen. “Over zes tot acht weken krijgt u een acceptgiro thuis.”

Hij die enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort wegneemt, met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, is strafbaar op basis van art. 310 wetboek van strafrecht.

Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding.