Banken: Klink moet GGZ helpen

De banken in Nederland dringen er bij minister Klink (Volksgezondheid, CDA) op aan snel maatregelen te nemen om te voorkomen dat psychiatrische instellingen (GGZ) in financiële problemen komen. De torenhoge leningen gaan ten koste van de zorg, vinden de banken.

Dat staat in een brief die de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) onlangs heeft gestuurd naar Klink. „De te grote afhankelijkheid van bancaire financiering vormt een reëel risico, zowel vanuit het perspectief van de instellingen als van de banken”, aldus de brief van de NVB.

Sinds vorig jaar moeten bijna alle GGZ-instellingen in totaal naar schatting 3 miljard euro lenen, omdat ze in een nieuw declaratiesysteem pas na afloop van een therapie betaald krijgen van zorgverzekeraars. Vroeger kreeg de GGZ een bedrag vooraf. Omdat een behandeling gemiddeld acht maanden duurt, moeten de instellingen een bedrag lenen dat gelijkstaat aan driekwart van hun begroting. Door de hoge leningen en de lage winstgevendheid in de sector, vragen banken extra hoge rente. „De instellingen betalen onnodig veel rentekosten.”

De NVB vraagt van Klink „een aantal heldere beleidskeuzes om de bancaire financiering van de zorgsector ook op de (middel)lange termijn zeker te stellen”. Door de zwakke financiële positie kunnen GGZ-instellingen veel minder investeren en „wijzen banken financieringsverzoeken af”, schrijft de NVB. De bankenvereniging wil dat GGZ-instellingen „op zo kort mogelijke termijn” tussentijds nota’s kunnen indienen, bijvoorbeeld elke één of twee maanden.

Brancheorganisatie GGZ Nederland wil niet reageren op deze brief. Zorgverzekeraars Nederland stelt dat GGZ-instellingen wel een voorschot kunnen aanvragen. Altrecht, een van de grootste GGZ-instellingen, zegt dat dat afhangt van de zorgverzekeraar. „Wij hebben een heel coulante verzekeraar, maar moesten toch grofweg zo’n 50 miljoen euro lenen”, aldus een woordvoerder van Altrecht.

De banken menen dat de financiële problemen toenemen, omdat de GGZ – net als andere zorginstellingen – binnenkort hun vastgoed anders moeten waarderen.