'Moeder in de cel? Even rust'

Is het schadelijk voor een kind als de moeder in de gevangenis zit? Vandaag werd een studie naar deze kinderen gepresenteerd.

DenHaag:15.4.4 Mw. Bijleveld. foto: NRC Handelsblad, Roel Rozenburg Rozenburg, Roel

Kinderen van gedetineerde moeders hebben het moeilijk, zou je denken. Maar is dat ook zo? Onderzoekers aan de Vrije Universiteit in Amsterdam spraken en observeerden voor het eerst in Nederland de kinderen zelf. Vandaag werd het onderzoek aangeboden aan minister Rouvoet (Jeugd en Gezin, CU) en Albayrak (Justitie, PvdA) door een van de vier onderzoekers, hoogleraar criminologie Catrien Bijleveld.

Waarom dit onderzoek?

„Uit eerder onderzoek bleek dat gedetineerde vrouwen het zwaarder hebben tijdens detentie als ze moeder zijn. Wij wilden weten waarom. Daarnaast is er veel onderzoek gedaan naar de schade die detentie mogelijk veroorzaakt bij degene die vastzit, maar er was in Nederland niets bekend over de schade die de kinderen zouden oplopen. Uit internationaal onderzoek bleek wel dat deze kinderen een risicogroep vormen.”

En?

„Het antwoord is dat het niet eenduidig is. Alle kinderen hebben verdriet van het feit dat hun moeder gedetineerd is. Ze hangen het ook niet aan de grote klok. Ze krijgen opvallend vaak steun van school. De vraag is of ze er ook onder lijden. Dat zou je misschien verwachten, maar dat is niet altijd zo. Vooral jonge kinderen missen mama, maar oudere kinderen zijn ook soms boos op hun moeder. Of ze halen ook opgelucht adem: Even rust.”

Even rust?

„Gemiddeld komen deze kinderen uit gezinnen waar al veel problemen zijn. Als moeder mishandeld wordt door haar vriend, of als er elke week een andere man in huis is, of als moeder zwaar verslaafd is, dan kan het prettig zijn voor een kind als ze even weg is.”

Zien de moeders dat zelf ook?

„Moeders zien niet altijd even goed hoe het met hun kinderen gaat. Dat is natuurlijk ook lastig als je in de gevangenis zit. Daarom is het belangrijk ook de verzorgers en de kinderen zelf te spreken. Als moeder vastzit, wonen kinderen vaak in een pleeggezin of bij familie. Soms ook bij de vader. In totaal hebben we 31 kinderen gesproken. Over nog eens ruim dertig andere kinderen kregen we informatie via de moeder.”

Als er al veel problemen zijn, is het lastig te zien welke door de detentie worden veroorzaakt?

„Ja. Gemiddeld zien we bij deze kinderen veel meer gedragsproblemen en psychische problemen dan bij andere kinderen, maar het is heel lastig uit te zoeken wat de oorzaak precies is. We hebben natuurlijk geen controlegroep van kinderen in dezelfde situatie maar dan met een moeder die niet in de bak zit. We willen daarom deze groep volgen. Wel is duidelijk dat deze groep kinderen een risicogroep vormt.”

Wat hadden de moeders misdaan?

„Dat was heel verschillend. Soms weten we het niet. In elk geval zaten ze niet heel kort, dus moeten ze zwaardere delicten hebben gepleegd. Sommige vrouwen stapelen straffen en zitten dan in één keer alles uit. Er waren er een paar die zware geweldsdelicten hadden gepleegd.”

Stuitte u op iets wat direct verbeterd kan worden?

„Ja. Er zitten relatief weinig vrouwen in de gevangenis, al verdubbelde hun aantal de afgelopen tien jaar tot ongeveer 800. Vrouwelijke gedetineerden worden daarom geconcentreerd op een paar plekken in Nederland. Dat is voor het bezoek heel onhandig, want vaak is dat ver weg. Voor kinderen die hun moeder willen zien, en dat geldt niet voor allemaal, zou het beter zijn als moeders dichter bij hun kinderen geplaatst worden.

Daarnaast moet het contact makkelijker worden. Kinderen zouden hun moeder moeten kunnen bellen en eenvoudiger bezoeken. Een gevangenis loop je niet zomaar binnen, maar het zou voor deze kinderen wel makkelijker moeten worden.”

    • Sheila Kamerman