Zoeken naar God

Toen ik nog een kleine jongen was zeeg ik elke zondag devoot neer op een houten knielbankje in de kerk. Wanneer mijnheer pastoor God aanriep voelde ik Hem neerdalen in de grote, holle ruimte. God was goed, en het katholieke geloof was het meest voortreffelijke geloof dat er bestond. Ik dacht dat het God zelve was die bepaald had dat er dunne kussentjes beschikbaar waren om de blote knieën op te leggen. Geloven hoefde niet al te veel pijn te doen.

Rond mijn dertiende sloeg de twijfel toe. Was het wel God die neerdaalde? Het kon net zo goed de duivel zijn met een oogverblindend masker op. Niet veel later was ik met geen stok de kerk meer in te krijgen. Cruciaal was een filmpje dat in die tijd op televisie werd vertoond. Amerikaanse bommenwerpers strooien in slowmotion gretig napalm over Vietnam. Onder de beelden was de vioolsolo uit Sad Lisa van Cat Stevens gemonteerd. God gaf niet thuis in Vietnam. Waar eigenlijk wel?

Horen bespiegelingetjes over geloof wel thuis op de sportpagina? Ik zou zeggen, juist op de sportpagina horen ze thuis.

De Amerikaanse schaatser Chad Hedrick liet ons onlangs weten dat de Heer definitief zijn leven is binnengetreden. Het was een niet geringe schok voor hem geweest toen hij zich realiseerde dat hij in het skeeleren en schaatsen vijftien jaar lang prestaties had behaald zonder God ook maar één keer te bedanken voor zijn talent. „En ook mijn taalgebruik, dat was verschrikkelijk.”

Amerikanen kunnen intens van de Heer getuigen. Alsof ze een pamflet vertolken. De god van Amerika houdt het meest van de succesvolle en dynamische mens, maar Chad Hedrick stelt zich oprecht bescheiden op. Hij twitterde: Gods blessings continue, and I’m undeserving.

Ik vind het geloofwaardig klinken. De meeste gelovige sporters dienen de god van het testosteron, oftewel de partijdige en ongeduldige god van het snoeiharde succes en de gotische bankrekeningen. Gelukkig is de god van het testosteron ook bescheiden in het uitstrooien van gouden medailles.

Ik hoor niets over zijn legendarische bierconsumptie, maar ik vermoed dat Chad ook dit aan banden heeft gelegd. Eigenlijk had ik hem het oerdegelijke, Europese katholicisme gegund. In dit geloof staat een royaal gebruik van alcohol de ware devotie niet in de weg.

Ik heb gemerkt dat ook buiten de sport soms hartstochtelijk gedebatteerd wordt over God. Bestaat Hij nou, of niet? Als Hij (of Zij) al bestaat, lacht hij zich volgens mij dood over de argumenten voor of tegen.

Een oude, uitgeputte Indische godzoeker riep na jaren van vertwijfeling: waarom komt Gij niet als ik U roep, waarom deze kwelling. En eindelijk antwoordde God: „Zo behandel ik mijn vrienden.”

In elk geval is God zoeken een vorm van topsport.

    • Peter Winnen