Via blogs, Facebook en Twitter op jacht naar tien rode ballonnen

Nederland vierde Sinterklaas, maar in de Verenigde Staten gingen zaterdag tien grote weerballonnen omhoog. Op vooraf onbekende plaatsen waar ze meer of minder opvielen: zoals op het drukke Union Square in San Francisco, langs Miami Beach, maar ook boven een verlaten honkbalveld. De rest van de dag zochten tienduizenden mensen (die samen 4.300 teams hielpen) naar de rode ballonnen (diameter 2,5 meter).

Zij deden mee aan een wedstrijd van het Defense Advanced Research Projects Agency, DARPA, dat het onderzoek van het ministerie van Defensie coördineert. Met de ballonnen vierde DARPA de veertigste verjaardag van het eerste computernetwerk ooit, de voorloper van internet. Nog feestelijker: DARPA loofde 40.000 dollar uit aan het team dat de tien ballonnen als eerste kon lokaliseren.

Dat bood ook een luchtige manier om te onderzoeken hoe snel informatie zich door sociale netwerken verspreidt via internet (blogs, e-mail, Facebook), sms en Twitter. En dat is: heel snel. Het winnende team van fysicus Riley Crane, van het MIT in Boston, had maar 8 uur en 56 minuten nodig. Op een speciale website beloofde Riley de prijs te delen met vinders en hun ‘helpers’. Dat ging zo: als (de fictieve) Dave een ballon aantrof, kreeg hij 2.000 dollar. Kennis Carol, die Dave (zogenaamd dus) bij de jacht had betrokken, kreeg 1.000 dollar. Bob, die Carol had uitgenodigd, kreeg 500 dollar en Alice, die Bob erbij had gehaald, verdiende 250 dollar. De overgebleven 250 dollar (één ballon was 4.000 dollar waard) ging naar liefdadigheid. Zo trommelde Riley’s team in no time ruim 4.500 mensen op.

DARPA gaat ook praten met de teams die net niet wonnen. De organisatie wil uitvogelen welke strategieën effectief zijn om grote groepen mensen te mobiliseren.