Huiskamermammoet

Hoofddorp 13-09-2005 /foto Jørgen Krielen © 2005 Mister Mammoet; Dick Mol Krielen, Jorgen

Op zijn twaalfde begon Dick Mol (1955) vissers te vragen hem de fossielen te geven die als bijvangst in hun netten terechtkwamen. Ruim veertig jaar later telt zijn verzameling 30.000 objecten, en staat Mol bekend als ‘Mr. Mammoth’. In het dagelijks leven is de selfmade paleontoloog douanier op Schiphol.

Mammoeten liepen rond waar nu de Noordzee is?

„Tot zeven- à achtduizend jaar geleden kon je wandelen naar Engeland. De Noordzee is een eldorado voor paleontologen. Al sinds 1874 komen er wekelijks overblijfselen aan land. In grote hoeveelheden. Tussen 1997 en 2002 bijvoorbeeld hebben we 57.000 kilo fossiele botten verzameld. Alles: leeuwen, otters, hazen, oerossen, steppewisenten, sabeltandtijgers, vogels. En er zaten 8.000 kiezen van mammoeten tussen. Die zijn zo’n dertig centimeter groot. De vissersschepen hebben inmiddels zulke geavanceerde apparatuur dat we nu ook de coördinaten van de vindplaatsen vaak kennen. Want de context van de vondsten ontbrak natuurlijk.”

Hoe zag het er hier uit, toen die al dieren nog leefden?

„De zuidelijke bocht van de Noordzee was koud en droog. Een steppe met gras, en meanderende rivieren die naar de oceanen voerden. Daar hebben al die dieren massaal rondgelopen, ook de mammoeten. Die zagen er in het begin, 2,5 miljoen jaar geleden, heel anders uit dan in de laatste tijd. De eerste kwamen uit Afrika, en konden ruim vier meter hoog worden. Ze hebben zich hier ontwikkeld van loofeters tot graseters. Die evolutie kun je aan de hand van gebitselementen volgen. Het clichébeeld van de Siberische steppe met die enorme wolharige mammoets klopt niet. De wolharige waren maar kleine beesten. Ze pasten met hun twee meter zestig in elke huiskamer.

„Opgeviste veenbrokken en sedimenten hebben het mogelijk gemaakt om, met C14, vondsten te dateren, en om naast de fauna ook een beeld te krijgen van de flora. Stuifmeelkorreldeskundigen kunnen veel zeggen over hoe het landschap eruit heeft gezien.”

En dit jaar kwam er voor het eerst een Neanderthaler boven?

„Een fragment van elf centimeter. Net de karakteristieke wenkbrauw. Daar kun je een schat aan gegevens uit halen, met onder andere DNA-onderzoek. Het was een jonge man met een goedaardige tumor, die 60.000 jaar geleden leefde. We hadden overigens al bewerkte botten en prachtige vuistbijlen. Het is een kwestie van tijd voor we meer menselijke fossielen vinden. Waar de Tweede Maasvlakte komt, wordt 800 miljoen kubieke meter zand weggegraven, van dertien naar dertig meter diepte. In de diepe geulen dreg je tot wel honderdduizend jaar geleden. Dat hebben we nu vijftien keer gedaan. We vonden het grootste mammoetdijbeen tot dusver: 1,33 meter.”

Leren we iets van al die fossielen?

„Die klimaatconferentie begint nu net, maar een ding is zeker: het zal weer koud worden. Wanneer precies weten we niet, maar de bewijzen zitten in de bodem. Het is een cyclus van miljoenen jaren die afhangt van de stand van de aarde ten opzichte van de zon. De mens zal de zaak hooguit iets versnellen.”

Liesbeth Koenen