Gods Woord, maar dan voor kinderen

De vroegste kinderbijbel die Willem van der Meiden heeft gevonden, stamt uit 1640. Sindsdien veranderde het genre steeds weer van karakter, blijkt uit zijn promotieonderzoek.

Het zijn verkoopcijfers waar Kluun een puntje aan kan zuigen. Onderwijzer en schrijver Anne de Vries is in Nederland vooral bekend geworden dankzij zijn twee boeken over de niet voor bruine bonen biddende Bartje. De Vries’ grote bestseller is echter een navertelling van de Bijbel voor kinderen. Daarvan gingen wereldwijd in talloze vertalingen zes miljoen exemplaren over de toonbank, waarmee het de best verkochte kinderbijbel aller tijden is.

De bijbel van De Vries is, samen met een kleine 900 andere, onderwerp van het onderzoek waarop theoloog, communicatieadviseur en journalist Willem van der Meiden afgelopen vrijdag promoveerde aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Zijn eigen collectie kinderbijbels bestaat uit ongeveer 600 exemplaren, zegt Van der Meiden. „Dat is 16 meter boekenplank. En dan te bedenken dat ik niet echt opgevoed ben met kinderbijbels. Ik geloof dat we er thuis twee hadden.”

In zijn proefschrift ‘Zoo heerlijk eenvoudig’: geschiedenis van de kinderbijbel in Nederland doet Van der Meiden verslag van de ontwikkeling in vorm en inhoud die de kinderbijbel in ons land heeft doorgemaakt. Het eerste exemplaar dat hij wist op te sporen, stamt uit 1640. Dat leek nog in niets op de met prenten versierde boeken in begrijpelijke taal, zoals we die nu kennen. „Het was meer een soort lesboekje, in vraag-en-antwoordvorm. Kinderen werden in die tijd geacht de Bijbel uit hun hoofd te kennen. Dit werkje was ervoor om te kunnen controleren of ze hun lessen goed geleerd hadden. Over welke twee bomen gaat het in het verhaal van Adam en Eva? Dat soort zaken moesten kinderen weten.”

Vanaf het midden van de achttiende eeuw veranderde de aard van de kinderbijbel, zegt Van der Meiden. De opkomende Verlichting was daarbij van grote invloed. „De moraal van het verhaal werd belangrijker. Kinderbijbels werden een soort deugdenspiegels. Doe zoals Jezus en wordt een goede burger, dat was de boodschap. De Bijbel als etiquetteboekje, zou je bijna kunnen zeggen.”

Tot het einde van de negentiende eeuw bestaan de diverse protestantse en katholieke kinderbijbels zonder veel problemen naast elkaar. Interne dogmatische twisten en de beginnende verzuiling zorgen echter voor een opvallende verharding van de toon die in de boeken wordt aangeslagen. „Je ziet dan dat auteurs met hun navertellingen reageren op interpretaties van de Bijbel waarin ze zich niet kunnen vinden. Dat doen ze niet alleen impliciet, door het verhaal anders op te schrijven, maar ook expliciet, door in het voorwoord hun concurrenten de mantel uit te vegen.”

De schrijvers van kinderbijbels treden in deze periode in de tekst nadrukkelijk op de voorgrond. Ze nemen de jonge lezers bij de hand. Alleen het Woord van God volstaat kennelijk niet meer. „Erg kindvriendelijk zijn deze bijbels overigens niet”, concludeert Van der Meiden. „Over hun hoofden werd een dogmatische twist uitgevochten.”

In 1918 trekt onderwijzer en auteur Willem Gerrit van de Hulst een streep onder deze twisten in protestantse kring. Hij is de eerste schrijver die de Bijbel echt hertaalt voor kinderen, zodat ze zelf, zonder tussenkomst van volwassenen, de verhalen tot zich kunnen nemen. Van der Meiden: „Van de Hulst heeft het erg spannend opgeschreven. Toen ik zijn boeken begon te herlezen, kon ik ze niet meer wegleggen.”

De ontkerkelijking van Nederland, zoals die na de Tweede Wereldoorlog inzette, heeft vreemd genoeg geen effect gehad op het aantal kinderbijbels dat er gepubliceerd wordt, ontdekte Van der Meiden. „Sterker nog: van de mij bekende werken is bijna de helft van na 1970. Nog steeds komt er jaarlijks een dozijn titels bij met verhalen die uit de Bijbel afkomstig zijn.”

De laatste decennia verschijnen er vooral veel prentenboeken. Die zijn erg populair in de evangelische gemeenschap, weet Van der Meiden. „Daar willen ouders hun kinderen al met het Woord van God kennis laten maken, voor ze goed kunnen lezen.”

Maar ook mensen die eigenlijk nooit meer naar de kerk gaan, kopen boeken met bijbelverhalen. „Het zijn vaak ouders die willen dat hun kinderen toch iets meekrijgen van de geschiedenis van onze cultuur”, zegt Van der Meiden. „Die is niet te begrijpen als je geen weet hebt van wat er in de Bijbel staat. Die verhalen hebben Europa twee millennia vormgegeven.”

Van het proefschrift is een handelseditie verschenen bij uitgeverij Verloren. Prijs € 35. In het Comenius Museum in Naarden is van 9 december 2009 t/m 10 april 2010 een tentoonstelling over kinderbijbels te bezichtigen.

Rectificaties / gerectificeerd

Correcties & aanvullingen

In het stuk Gods Woord, maar dan voor kinderen (8 december, pagina 8) staat dat de tentoonstelling over kinderbijbels in het Comeniusmuseum in Naarden loopt tot en met 10 april. Dat moet zijn: 5 april (Tweede Paasdag).