Verdeeld Roemenië

Roemenië is een van de meest corrupte landen in de Europese Unie. Op de ranglijst van onderzoeksbureau Transparancy International krijgt Roemenië een 3,8, net als Griekenland en Bulgarije. Dit Roemenië, dat ook nog eens kampt met een crisis in de regering en een ondraaglijke schuldenlast, heeft gisteren een nieuwe president gekozen, te weten de oude president. De partijloze centrist Basescu lijkt met ongeveer 50,4 procent nipt te hebben gewonnen van de sociaal-democratische uitdager Geoana.

Gisteravond, toen de eerste exitpolls van de tweede ronde in de presidentsverkiezingen bekend werden, leek het beeld nog precies omgekeerd. Beide kandidaten eisten op grond daarvan de overwinning op. Basescu nam daarbij al meteen het woord „manipulatie” door de media in de mond. Geoana zweeg vanmorgen. Maar medestanders lieten wel weten dat ze de stemmen, parallel aan de officiële kiesraad, zelf zouden gaan tellen omdat er zou zijn geknoeid.

Verkiezingen waarvan de uitslag niet door beide partijen wordt erkend, dat zijn Oekraïense of Moldavische toestanden. Voor het draagvlak van de democratie, dat in Roemenië toch al te wensen overlaat, zou dat funest zijn. Zelfs als de uitslag wel zonder noemenswaardige conflicten wordt aanvaard, zijn de gevolgen nog niet te overzien. Een regering laat zich, met president Basescu als staatshoofd, niet simpel formeren. Voor de tweede ronde hadden de sociaal-democraten met liberalen al een akkoord gesloten, inclusief een premier.

Die overeenstemming was van belang omdat de economie verslechtert. Dit jaar wordt een krimp van 8 procent verwacht. Bij het Internationaal Monetair Fonds ligt een lening klaar van 1,5 miljard euro. Maar het IMF komt pas over de brug als er een stabiele regering zit. Ook Basescu kan een regering vormen. In het parlement zijn altijd afgevaardigden te vinden die vervroegde verkiezingen vrezen en bereid zijn een minderheidscoalitie aan een meerderheid te helpen. Maar dat levert nog geen stabiliteit op.

Hoe de postelectorale kater in Roemenië dezer dagen ook wordt weggespoeld, de onduidelijkheid illustreert weer eens dat het nieuwe staatsbestel twintig jaar geleden bij de val van het communisme te haastig is vormgegeven. Uit angst voor een almachtige partij is gekozen voor hybride structuren. Net als Polen kent Roemenië daardoor een gemengd model: de macht wordt gedeeld door een direct gekozen president en een premier die verantwoording is verschuldigd aan het parlement, waarin zwakke, persoonsgebonden en vaak ook corrupte partijen de dienst uitmaken.

Die vage machtsrelatie, ontleend aan de Franse Grondwet, kan verlammend werken. Zelfs in Tsjechië, dat zijn constitutie meer op het Duitse bestel heeft geënt, is dat onlangs gebleken toen president Klaus er bijna moederziel alleen in slaagde het Verdrag van Lissabon te frustreren.

Twintig jaar na dato zou enige staatsrechtelijke evaluatie dan ook geen overbodige luxe zijn. In Polen heeft premier Tusk daartoe het initiatief genomen. Hij verdient navolging.