Wilders zet haatdagvaarding op site

Politicus Geert Wilders is gisteren gedagvaard in de strafzaak tegen hem. De leider van de Partij voor de Vrijheid wordt vervolgd voor het aanzetten tot haat en discriminatie en het beledigen van een groep (moslims).

Dat staat in de 21 pagina’s tellende dagvaarding die Wilders heeft ontvangen en op de PVV-website zette. Hij moet zich bij de rechter verantwoorden voor de islamkritische film Fitna die hij maakte en een groot aantal uitspraken over de islam. Wilders vergeleek onder meer de Koran met Hitlers Mein Kampf en zei: „We moeten de tsunami van de islamisering stoppen.”

De zaak tegen Wilders begint op 20 januari. Zijn advocaat, A. Moszkowicz, liet gisteren weten bezwaar aan te zullen tekenen tegen een deel van de dagvaarding: het beledigen van een groep wegens godsdienst. Volgens Moszkowicz moet die verdenking komen te vervallen. Hij verwijst daarbij naar een uitspraak die de Hoge Raad op 10 maart deed. Toen oordeelde de raad dat niet iedere kritiek op een godsdienst ook meteen kritiek op de gelovigen inhoudt. De veroordeling van een man die een poster voor zijn raam hing met onder meer de tekst ‘Stop het gezwel dat Islam heet’ werd vernietigd.

Tegen Wilders is aangifte gedaan door onder meer de antiracismeorganisatie Nederland bekent kleur en enkele advocaten. In eerste instantie oordeelde justitie dat Wilders niets strafbaars had gedaan. Maar via een procedure bij het gerechtshof is in januari door de aangevers alsnog vervolging afgedwongen. Het hof zag – en motiveerde dat uitgebreid – wel gronden voor vervolging, vooral omdat Wilders vergelijkingen maakt tussen de islam en het nazisme. Wilders schrijft op de PVV-site dat hij erop vertrouwt te worden vrijgesproken.

Lees de dagvaarding op nrc.nl/binnenland