Waarom branden zeven kaarsen niet even snel?

Wij hebben een kandelaar met zeven armen. Als we de kaarsen tegelijk aansteken zie ik dat de ene kaars altijd sneller opbrandt dan de andere. Hoe kan dat, vraagt Sarah van Solinge (7 jaar) in Heilig Landstichting.Als het altijd op dezelfde manier gebeurt dan komt het doordat de kaarsen te dicht bij elkaar staan. Kaarsen maken elkaar warm en zetten elkaar in de wind. Daar gaan ze sneller van branden. Dat een kaars harder brandt als het warmer is kun je makkelijk bewijzen. Probeer binnenkort buiten maar eens een waxinelichtje te laten branden als het hard vriest. Dat lukt bijna niet. Langs kaarsen die flink branden stroomt veel lucht. Boven de vlam wordt de lucht erg heet en hete lucht gaat vanzelf omhoog. Het gevolg is dat aan de koude onderkant van de kaars lucht naar de kaars toe wordt gezogen. Zo ontstaat de wind waar de kaars zo goed van brandt. In ruimteschepen, waar geen zwaartekracht is, gaat hete lucht niet omhoog en daar willen ook geen kaarsen branden. Als je drie van de zeven kaarsen in de kandelaar uitdoet branden de andere vier waarschijnlijk even snel. Bedenk zelf welke kaarsen je moet uitblazen.

Ook een vraag? Mail: zeepaard@nrc.nl