Verdeling meren op Titan gevolg van veranderingen in baan van Saturnus

De ongelijke verdeling van methaanmeren op Titan, de grootste maan van Saturnus, is een gevolg van veranderingen in de baan van Saturnus rond de zon. Dat suggereren Amerikaanse onderzoekers (Nature Geoscience online, 29 november). De methaanmeren zijn in de afgelopen jaren ontdekt door de Amerikaanse Saturnusverkenner Cassini en bevinden zich op vrij hoge noordelijke en zuidelijke breedten. Sommige meren zijn vol, andere deels gevuld en nog weer andere drooggevallen.

Opmerkelijk is dat zich op het noordelijk halfrond veel meer meren bevinden dan op het zuidelijke. Bij ‘volle’ meren bedraagt het verschil een factor 25, bij deels gevulde meren een factor 7 en bij drooggevallen meren een factor 3. Deze asymmetrie werd voorheen toegeschreven aan verschillen in bodemgesteldheid of aan de afwisseling van de seizoenen op Titan. Als het op het ene halfrond zomer is, verdampen de methaanmeren daar, terwijl op het andere (winterse) halfrond hun niveau door uitregenen stijgt. En omgekeerd.

Volgens Oded Aharonson en collega’s voldoen deze twee verklaringen echter niet. Cassini vond geen aanwijzingen voor verschillen in bodemgesteldheid tussen beide gebieden en de afwisseling van de seizoenen verloopt veel te snel. Het jaar op Titan – de omlooptijd van Saturnus rond de zon – duurt 29,5 aardse jaren, zodat het ene halfrond 15 jaar lang wat méér of wat minder zonlicht ontvangt dan het andere. Dat is in combinatie met het zwakke zonlicht veel te kort om veel methaan te laten verdampen of uitregenen.

De onderzoekers denken dat de asymmetrie is ontstaan door veranderingen in de vorm en oriëntatie van de baan van Saturnus – en van Titan – rond de zon. Zulke baanveranderingen ontstaan door de aantrekking van andere planeten en hebben tot gevolg dat de duur en intensiteit van zomers en winters op één halfrond op een tijdschaal van tienduizenden jaren varieert. Hoewel het om een gering effect gaat, houdt het zo lang aan dat het leidt tot een accumulatie van meren op het ene halfrond en een ‘tekort’ op het andere. Titan is daarmee net als de aarde en Mars een wereld waar ijstijdachtige klimaatvariaties zijn terug te vinden in landschapskenmerken.

George Beekman

    • George Beekman