Marcia Luyten helpt het debat niet bepaald

In haar artikel over ontwikkelingshulp laat Marcia Luyten zich leiden tot drie generaliseringen, die het debat over hulp niet ten goede komen (Opinie & Debat, 28 november).

Ten eerste generaliseert Luyten over Afrika, waarbij zij voorbij gaat aan de successen in landen als Ghana, Oeganda, en Rwanda, en over het aantal kinderen dat nu naar school gaat en wordt ingeënt. De vraag naar effectiviteit van hulp zou zich moeten richten op de redenen van succes en falen.

Ten tweede besteedt Luyten geen aandacht aan wie de hulpindustrie nu eigenlijk vormen. De enige verwijzing is naar NGO’s, die nu onder druk staan in Nederland, maar slechts 10 tot 15 procent van de totale hulp geven. Luyten stelt dat de industrie geen aandacht heeft voor problemen van corruptie en wanbeleid; zij gaat daarbij voorbij aan het feit dat veel hulp erop is gericht corruptie te bestrijden. Ten slotte gaat Luyten ervan uit dat armoedebestrijding de enige doelstelling van hulp is. Dit is allerminst waar. Politieke belangen blijven centraal staan. De oorlog tegen het terrorisme is de afgelopen jaren steeds belangrijker geworden in de verdeling van hulp. Een beoordeling van hulp moet met een maatstaf gebeuren die er rekening mee houdt dat hulp gegeven wordt om uiteenlopende redenen.

Arjan de Haan

Den Haag, auteur How the Aid Industry Works

    • Arjan de Haan den Haag
    • Auteur How The Aid Industry Works