Knielen bij de kloofmachine

Maarten ’t Hart schrijft maandelijks over zijn moestuin. Nu over zijn nieuwe kloofmachine. ‘Veel te klein om er een mens in te stoppen.’

Visser, Dirk-Jan

In verschillende Duitse deelstaten is het al verboden om houtkachels te stoken. Wie hout stookt, brengt immers CO2 in de lucht. Verbied je het stoken ervan, dan reduceer je de CO2-uitstoot. Ook hier in Nederland zal men, zo verwacht ik, op enig moment de houtkachel verbieden. Waarschijnlijk zal er geen totaalverbod op houtkachels worden afgekondigd, maar zullen de houtkachels aan zeer strenge eisen moeten voldoen en zo weinig mogelijk CO2 moeten uitstoten.

Met andere woorden: wil je hout stoken, schaf alvast een speksteenkachel aan. Speksteenkachels hoef je maar kort te stoken. De warmte wordt opgeslagen in het steen en dan urenlang weer uitgestraald zonder dat de kachel nog hoeft te branden.

Helaas is een groot bezwaar van speksteenkachels dat zij loodzwaar zijn. Ik wou er een laten neerzetten, maar al snel bleek dat hij bij mij door de vloer zou zakken. Ik kreeg het advies er enkele heipalen bij te plaatsen. Dat ging mij te ver en nu heb ik gekozen voor een tussenoplossing: een kachel die voorzien is van een buitenmantel van speksteen. Mijn van keramische platen voorziene Boxer van Harry Leenders staat nu in de schuur en wacht op een liefhebber die hem voor een zacht prijsje wil overnemen.

Mijn semi-speksteenkachel verbruikt een kwart van het hout dat mijn Boxer verbruikte. Ik heb mijn CO2-uitstoot dus met 75 procent gereduceerd. Niettemin breng ik nog altijd CO2 in de lucht, die overigens grotendeels weer wordt geabsorbeerd door de bomen in mijn tuin. Daarbij komt dat ik geen auto rijd, en bovendien heb ik al in 1974 gewaarschuwd voor de klimaatverandering in mijn verhaal ‘Hoogzomer in April’. Had men toen goed naar mij geluisterd, dan zag de wereld er nu heel anders uit.

Hoe dan ook: zolang houtkachels nog niet verboden zijn, kan ik mijn huis blijven verwarmen met mijn eigen bomen. Nog nooit kwam ik in de afgelopen 27 jaar brandstof tekort om te kunnen stoken. Altijd waait er wel weer een boom om, of een grote tak af. En dan kun je met je kettingzaag aan de gang. En vervolgens met je bijl. Verrukkelijke werkzaamheden die je hoofd leeg maken en je lichaam moe, zodat je heerlijk slaapt.

Helaas kun je met je bijl niet altijd alle stronken in stukken slaan. In de loop der jaren heb ik een flinke voorraad onhandelbare boomstronken opgespaard. Ooit heb ik een week lang een kloofmachine gehuurd en ben ik die stronken te lijf gegaan. Omdat ik de huur van de machine eruit wou hebben, was ik na die week bijkans dood. Dag en nacht had ik niet alleen gekloofd, maar ook loodzware stronken versleept.

Laatst was ik in zo’n vorstelijke zaak waar ze landbouwmachines verkopen. Daar zag ik een knalrood apparaat staan waarvan ik dacht: wat zou dat nu zijn? Ik knielde erbij neer. O, wat zag het er prachtig uit. Reeds daagde een vermoeden. Was dit misschien een compacte kloofmachine? Dat bleek het geval, en wat ook bleek was dat hij elektrisch werd aangedreven. Dat is plezierig, want al die op benzine lopende machines die je nog met een touwtje moet aanslingeren, hebben er schik in te weigeren om aan te slaan, terwijl zo’n elektrische machine het altijd meteen doet. Maar machines die op benzine lopen, presteren meestal veel beter.

Bij deze kleine kloofmachine werd evenwel opgegeven: maximale kracht zeven ton. Ongelofelijk, zeven ton, daar kun je de gemeenste stronken mee klein krijgen. Ik heb hem derhalve meteen aangeschaft en geniet nu dagelijks van mijn fantastische kloofmachine.

U zult zeggen: ja, ja, maar u hebt boosaardige plannen met die machine. Onlangs immers schreef Elsbeth Etty dat ik tegen haar had gezegd dat ik Jan Siebelink, als hij de euvele moed zou hebben om op verjaarsvisite te komen, in mijn kloofmachine zou stoppen. Het is waar: dat heb ik Elsbeth Etty gemaild, niet vermoedend dat dat meteen de krant zou halen. Hoe dan ook: zo’n kloofmachine is veel te klein om er een mens in te stoppen zoals u op de foto kunt zien. Los daarvan heb ik, tijdens een driedubbelinterview over de gereformeerde afkomst met Jan Siebelink en Franca Treur voor Vrij Nederland, mijn verontschuldigingen aangeboden aan de schrijver van Knielen op een bed violen en hij heeft ze grootmoedig geaccepteerd.

    • Maarten 't Hart