Geen Hamastan, maar ook geen drank

Hamas heeft de macht stevig in handen in de Gazastrook. Maar de Palestijnse beweging heeft geen islamitisch emiraat van het gebied gemaakt. „Het is een gecompliceerd beeld.”

Vijf soldaten van Hamas, herkenbaar aan hun donkere uniform, zitten op een rij voor een hokje met een slagboom, ongeveer een kilometer van de noordelijke grenspost met Israël, Erez. Ze houden af en toe taxi’s met buitenlandse bezoekers staande, elke dag een handjevol diplomaten, hulpverleners en journalisten. In het wachthokje hangen op een A4-tje enkele soera’s uit de Koran.

Deze ochtend vindt een soldaat in de koffer van een buitenlandse reiziger een flesje bier. Hij laat het zien aan de andere grenssoldaten. Ze overleggen en lopen naar binnen. Het flesje wordt op een formulier geregistreerd. Dan openen ze buiten een gat boven een diepe kuil, waar ze het in gooien. De reiziger kijkt verbaasd toe hoe de mannen routineus grote stenen pakken en er het flesje mee bekogelen. Als ze klaar zijn, glimlachen ze en wensen ze hem een prettige reis.

„We moeten consequent zijn”, zegt Fawzy Barhoom, woordvoerder en Hamasleider in zijn kantoor in Gaza-stad. Portretten van sjeik Ahmad Yassin en premier Ismail Haniyeh kijken op zijn bureau neer. „Het drinken van alcohol is haram. Het is niet verkrijgbaar in de Gazastrook. Dat kunnen we niet aan de eigen bevolking opleggen zonder het ook van buitenlanders te vragen. Wij zijn een gematigde islamitische partij. Maar op de handhaving van enkele belangrijke islamitische waarden zien we toe, dat is onze plicht.”

Tweeënhalf jaar heeft Hamas de macht stevig in handen in de geïsoleerde Gazastrook. Nadat de beweging in 2006 een absolute meerderheid had veroverd in het Palestijnse parlement, raakte het een jaar later, in de zomer van 2007, in een gewapend conflict met rivaal Al-Fatah. Fatah, de partij van president Mahmoud Abbas, verloor daarbij zijn laatste greep op de Gazastrook. Hamas regeert sindsdien zonder uitgedaagd te worden door oppositie. Rivaliserende partijen, naast Fatah ook bijvoorbeeld de Islamitische Jihad en het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina, kunnen niets uitrichten zonder de goedkeuring van Hamas.

Hoewel Israël een jaar geleden in een drie weken durende oorlog probeerde de regering van Hamas in Gaza omver te werpen, is de beweging niet op de knieën gedwongen. Integendeel, zou je zeggen als je rondrijdt door het centrum van Gaza-stad. Talloze gebouwen liggen in puin of zijn beschadigd, maar de Hamas-politie is overal zichtbaar. Agenten bewaken kruispunten, hotels en overheidsgebouwen. Politiekantoren zijn, met golfplaat, klei of wat ook maar voorhanden is, weer opgebouwd. Groene Hamas-vlaggen versieren de straten van Gaza-stad. „Orde en gezag zijn onze belangrijkste prioriteiten”, zegt Barhoom.

‘Hamastan’ – zo noemen Israëlische ministers de Gazastrook sinds de machtsovername door Hamas graag. Een streng-islamitische enclave, geregeerd door religieuze fanatici. De Palestijnse president Mahmoud Abbas had het in oktober nog apodictisch over „het emiraat van de duisternis”, dat de Gazastrook zou regeren.

Een islamitische republiek is Gaza niet geworden. De shari’a, het islamitisch recht, is niet ingevoerd. Feesten met levende muziek zijn toegestaan, zo blijkt op maandagavond in de gerenoveerde bar Orient House, aan de kust. Terwijl agenten van Hamas buiten de wacht houden, klappen binnen honderden uitgelaten mannen en vrouwen tot diep in de nacht mee met een band die opzwepende Arabische muziek speelt.

Vrouwen studeren en zijn vaak politiek actief. Aan de andere kant zijn dansen, het drinken van alcohol en homoseksualiteit streng verboden. Sinds kort is motorrijden voor vrouwen evenmin toegestaan. De doodstraf voor drugshandelaren is ingevoerd.

„Het beeld is na tweeënhalf jaar gecompliceerd. Het is overdreven, om niet te zeggen belachelijk, om Gaza met een islamitisch emiraat te vergelijken”, zegt Mkhaimer Abu Sada, hoogleraar politieke wetenschappen aan de Al-Azhar Universiteit van Gaza-stad. Deze universiteit is de min of meer seculiere tegenhanger van de Islamitische Universiteit en kent een sterke aanhang van sympathisanten van Al-Fatah, Hamas’ rivaal. Abu Sada is partijloos en bemiddelt tussen beide partijen.

Volgens Abu Sada is het leven voor de inwoners van Gaza niet wezenlijk veranderd sinds Hamas alleen regeert. „Het is veiliger op straat, de anarchie van elkaar bevechtende strijdgroepjes is verdwenen.” Maar, zegt hij, incidenten zijn er ook. „Het probleem is meer dat er geen oppositie is, dat Hamas kan doen wat het wil.” Het onderwijs, zegt Abu Sada, is daar een goed voorbeeld van. Deze zomer werden meisjes die niet zedig genoeg gekleed waren, in hoofddoek en jurk, van enkele scholen gestuurd. Hamas ontkende dat het achter deze maatregel zat.

Abu Sada: „Niemand weet of dat klopt, maar Hamas zit zeker wel achter iets anders. Sinds kort probeert het ministerie van Onderwijs mannen en vrouwen op scholen te scheiden. Het ministerie wil dat jongens alleen nog maar van mannelijke leraren les krijgen, en meisjes alleen door vrouwen. In de rechtspraak zijn ook incidenten geweest. Opeens moesten vrouwelijke advocaten een hoofddoek en handschoenen aan. Na protesten van de vrouwen is dat snel ingetrokken.”

In de loop van de middag stroomt café Mazaj (‘stemming’) vol met bezoekers. Mazaj, met een westers aandoend interieur en talloze smaken koffie en thee, is populair onder de rijke elite van Gaza-stad. Het bezoek is jong, hoogopgeleid. Zonder uitzondering zijn de vrouwen opgemaakt, sommigen dragen geen hoofddoek. De mannen en vrouwen zitten gescheiden. In het vrouwengedeelte wordt hard gelachen.

„Er is niets te doen in Gaza”, zegt Maram Abed, een 20-jarige student Informatietechnologie van de Al-Azhar Universiteit. Ze zit vaker met haar vriendinnen in Mazaj, een van de weinige koffiebars in Gaza. „Er zijn twee, drie plekken waar ik heen kan als ik plezier wil maken. Ik ga nooit alleen, en nooit met een jongen. Uitgesloten. Alcohol, dansen of een film kijken kan ook niet. Ik zou het wel willen, maar dit is Gaza.”

Wala’a, haar studiegenoot, knikt. Maar, zegt ze er meteen achteraan: „Dat ligt niet aan Hamas. Dat komt omdat dit een klein gebied is.”

Maram: „Iedereen kent elkaar. En mensen hebben hier tijd om te kletsen. Je veroorzaakt al snel een schandaal.”

Wala’a: „Het was vóórdat Hamas er was niet veel beter.”

Maram lacht. „Waarom denk je dat mensen zo jong trouwen? Dan hebben ze eindelijk een legitieme reden om te feesten.”

Het „Turkse model”, noemt Hamas-leider Fawzy Barhoom het beleid van zijn partij in de Gazastrook. „We willen islamitische waarden uitdragen, soms ook in het dagelijks leven. Maar alleen omdat die wens uit de bevolking zelf komt. De Gazastrook is conservatief, moet u weten. En voorop staat dit: we zijn een Palestijnse bevrijdingsbeweging. We willen het juk van de Israëlische bezetting van ons afwerpen. We zijn niet uit op het stichten van een islamitische republiek, noch willen we joden of christenen ons geloof opdringen.”

Het verbod op motorrijden voor vrouwen heeft volgens Barhoom niets met de islam te maken. „Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat vrouwen op de motor vaker ongelukken veroorzaken. Vrouwen mogen wel autorijden.”

Politieke analisten in Gaza zeggen dat Hamas onder steeds grotere druk staat van salafistische bewegingen – sunnitische scherpslijpers – in de Gazastrook, die de koers van de beweging te gematigd vinden. Die bewegingen worden met harde hand onderdrukt. Leiders zijn gedood, en salafistische aanhangers verdwijnen in de gevangenis voor ‘rehabilitatieprogramma’s’. Maar Hamas geeft toe dat de aanhang van deze groepen groeit. Mkhaimer Abu Sada denkt dat Hamas het conservatieve deel van de bevolking voor zich probeert te winnen. „Ze komen daarom met op de islam geschoeide wetten of regels. Dat gebeurt vaker, en het heeft vaak het karakter van symboolpolitiek.”