Artsen: overheid laks over Q-koorts

De overheid had de Q-koortsepidemie kunnen kunnen voorkomen. Dat zeggen arts-microbiologen, lokale bestuurders en de regionale GGD. Ze verwijten de overheid laksheid.

Dit jaar kregen ruim 2.200 Nederlanders Q-koorts. Dat is een bacteriële aandoening die tot chronische infectie en langdurige vermoeidheid kan leiden. Ze wordt meestal overgedragen door schapen en geiten.

Boeren zijn na de varkenspest in 1998 massaal overgestapt op geiten. De epidemie begon in Noord-Brabant maar heeft zich de afgelopen jaren over Nederland verspreid. Nooit eerder heeft de ziekte zich op deze schaal vertoond. Vijf mensen zijn tot nu toe aan de ziekte overleden.

„Als veel boeren veel geiten houden, kun je er donder op zeggen dat Q-koorts vroeg of laat opduikt”, zegt arts-microbioloog Marcel Peeters van het Streeklaboratorium voor de Volksgezondheid in Tilburg. Hij vindt, net als collega Marrigje Nabuurs van het UMC St Radboud in Nijmegen, dat de overheid de ziekte in 2007 heeft onderschat. Ze had op basis van de literatuur direct kunnen weten welke maatregelen de uitbraak konden beperken.

Jos van de Sande van GGD Hart voor Brabant is boos omdat de overheid de bevolking niet heeft geïnformeerd over risico’s. „Ze had zwangere vrouwen moeten waarschuwen. Het is aannemelijk dat Q-koorts ook bij mensen vroeggeboortes kan veroorzaken.”

De ministers Verburg (Landbouw, CDA) en Klink (Volksgezondheid, CDA) wijzen de kritiek van de hand. Ze wilden eerst nader onderzoek, voordat ze met ingrijpende maatregelen de hele geitensector zouden treffen.

NRC Weekblad: reconstructie

    • Esther Wittenberg