Varken centraal in landbouwdebat

Het welzijn van dieren leek even centraal te staan in het debat over de begroting van het ministerie van Landbouw. Uiteindelijk ging het echter vooral over de belangen van bedrijven.

Supermarkten kunnen binnenkort op de kamer van landbouwminister Verburg (CDA) de doorslag geven voor regelgeving op het gebied van duurzame voedselproductie. De minister, die tot dusver het voortbestaan van bijvoorbeeld de intensieve veehouderij altijd aan de vrije markt en de keuzes van de consument wilde overlaten, is nu overdonderd door het enthousiasme van supermarkten voor regels.

Het was een eigenaardig einde aan een debat waarin de minister vooral de belangen van het bedrijfsleven in het oog hield. De verklaring zou ook kunnen zijn dat het gaat om bedrijven die enthousiasme voor íets toonden.

Afgelopen maandag, zo vertelde Verburg gisteren tijdens de begrotingsbehandeling in de Tweede Kamer, had ze in een ruim opgezette proefstal voor varkens met veel stro en speeltjes – de zogeheten comfort class stal van de Wageningen Universiteit – enthousiaste vertegenwoordigers van supermarkten gesproken. „Jumbo gaf aan dat het staat te springen om vlees van varkens uit stallen als de comfort class”, zei Verburg, „en varkenshouders willen wel maar hebben een toekomstperspectief nodig van de supermarkten die dat met hun supermacht moeten bieden.”

Maar diervriendelijke stallen zijn duur, terwijl winkeliers graag stunten met voedsel en consumenten al snel het goedkoopste product kiezen. Dus komen duurzame ontwikkelingen maar moeizaam van de grond en roept de oppositie al lange tijd dat de overheid gewoon regels moet stellen. Albert Heijn sloot zich daar laatst bij aan met de oproep voor regelgeving aangaande duurzaamheid omdat er anders nooit een werkelijke doorbraak zou komen.

Minister Verburg verzette zich altijd tegen dit soort regelgeving. Nederland moest geen diervriendelijk eiland worden binnen Europa, maar juist denken aan de economische belangen van de primaire sector, zoals de export van goedkoop varkensvlees. Verburg leek gisteren ondanks langdurige meningsverschillen met de oppositie opeens ‘om’ te zijn. „Ik ga met de supermarkten rond de tafel zitten en zal ze vragen: wat willen jullie dat er wordt afgesproken?”, zei ze gisteren aan het eind van twee dagen begrotingsoverleg. „Als ze allemaal zeggen: we willen wetten en regelgeving, dan gaan we daar aan werken.”

Dit betekent niet dat het dier nu plots centraal staat in de overwegingen van het CDA. Die eer komt nog altijd toe aan het bedrijfsleven. Want de grootste controverse tijdens het debat ging juist over varkenshouders die hun varkens géén extra ruimte willen of kunnen geven.

Bij monde van woordvoerder Joop Atsma stelde het CDA tien jaar oude afspraken met varkenshouders over meer ruimte voor hun dieren opnieuw ter discussie. In 2013 moet een vleesvarken in de intensieve veehouderij namelijk één vierkante meter stalruimte tot zijn beschikking hebben, zo is tien jaar geleden al afgesproken. Atsma kwam voor de belangen van varkenshouders op met het verzoek aan de minister om „de consequenties in beeld te brengen voor degenen die nog moeten investeren en het waarschijnlijk niet opbrengen”. Dat is een probleem dat de overheid „wellicht geld kost”, constateerde Atsma.

Atsma haalde zich de woede op de hals van van een deel van de Kamer. Wilde hij de maatregel eventueel terugdraaien? Wilde hij steun voor de achterblijvers? En wat zou dat dan betekenen voor de boeren die al wel keurig hun investeringen hebben gedaan? Worden die laatsten dan slachtoffer van hun eigen braafheid? „Atsma draait er een beetje om heen”, constateerde Harm Evert Waalkens (PvdA), want het gaat uiteindelijk om „de betrouwbaarheid van de gemaakte afspraken”.

Marianne Thieme (Partij voor de Dieren) richtte vervolgens haar pijlen op Atsma’s partijgenoot, minister Verburg. Was de minister van plan de varkenshouders aan de gemaakte afspraken te houden? Tot drie keer toe weigerde Verburg een helder antwoord te geven. Ze verwees slechts naar een brief die eerder aan de Kamer is gestuurd. Deze uitwisseling herhaalde zich met Boris van der Ham (D66), die inmiddels de bewuste brief erbij had gehaald maar er geen helder antwoord in had gevonden.

Thieme en Van der Ham vonden het vervolgens nodig een motie in te dienen waarin de regering wordt gevraagd om de varkenssector te houden aan de gemaakte afspraken. Verburg vond de motie „prematuur” en gaf een negatief stemadvies.