Universiteitskrant is vooral bindmiddel

In de discussies rond de universiteitsbladen worden altijd weer dezelfde grote woorden gebruikt. De tegenstanders van verandering werpen zich steevast op als verdedigers van ‘het vrije woord’, want dat zou bedreigd worden. En dat is „beschamend” en „een grove schande”, zegt Frank Provoost, hoofdredacteur van het Leids Universitair Weekblad Mare, gisteren in deze krant. Zonder die stellingen te onderbouwen.

Het is een oneigenlijk argument, dat ‘vrije woord’. Wie roept dat het vrije woord in het geding is, roept beelden op van totalitaire regimes en perscontrole. Dat beeld ontslaat je van de plicht te onderbouwen; wie durft er immers te zeggen dat het vrije woord niet beschermd moet worden? Daarmee ontneemt Provoost zijn tegenstanders de middelen om te reageren, en is de discussie al half gewonnen. Knap.

Provoost lijkt aan te nemen dat het vrije woord het hoofddoel is van zijn 6 fte’s tellende redactie. Dat is niet zo. De universiteit betaalt die zes m/v primair om studenten en medewerkers te informeren en te binden. Zodat ze zich betrokken voelen bij hun organisatie, weten wat er speelt en wat de universiteit voortbrengt. Bijdragen aan opinievorming en ‘academisch klimaat’ is ook een doel, maar niet het voornaamste. Dat neemt niet weg dat een onafhankelijke universiteitskrant een must is. Een blad dat niet betrouwbaar informeert over het wel én het wee van de universiteit, schept wantrouwen. Wantrouwen tegenover het blad, maar ook tegenover de universiteit zelf, omdat die dingen achterhoudt. En een blad zonder vertrouwen kan de hoofdfunctie van ‘bindmiddel’ niet waarmaken.

Onafhankelijk schrijven moet dus, maar wel met een doel: mensen betrouwbaar informeren en binden. Niet om het heilige uitdragen van ‘het vrije woord’.

Ivo Jongsma

Redacteur Cursor, universiteitskrant TU Eindhoven

    • Universiteitskrant Tu Eindhoven
    • Ivo Jongsma Redacteur Cursor