Geen gebiedsverbod pedoseksueel

De pedoseksueel die ten onrechte uit Eindhoven was geweerd, mag ook niet uit de gemeente Utrechtse Heuvelrug worden weggestuurd. De rechter heeft gisteren voor de tweede keer een gebiedsverbod van een burgemeester geschorst. Het is volgens de rechter onvoldoende aannemelijk dat het verblijf van de man, in een park met vakantiehuisjes, de openbare orde ernstig zou bedreigen. De uitspraak maakt het moeilijker voor burgemeesters om algemene gebiedsverboden op te leggen voor onbepaalde tijd.

De man was na een zedendelict veroordeeld tot een deels voorwaardelijke celstraf met een proeftijd van vijf jaar en verplicht toezicht door de reclassering. Omdat zijn zaak nog in behandeling is bij de Hoge Raad kon het toezicht niet worden opgelegd. Onderhandelingen met de man mislukten. Daarop legde eerst de gemeente Eindhoven en daarna Utrechtse Heuvelrug hem een algemeen gebiedsverbod op. De man meende dat hij vogelvrij was verklaard en door iedere gemeente in Nederland geweigerd kon worden.

De Utrechtse rechter, B.J. van Ettekoven, tevens hoogleraar bestuursrecht in Amsterdam, erkent het recidivegevaar, maar vindt dat onvoldoende ‘actueel en concreet’ om er een zo vergaand verbod voor op te leggen. Omdat de zaak veel aandacht trok geeft hij ‘ter voorlichting’ extra uitleg. Ook als de vrees voor verstoring van de openbare orde wel concreet was, dan was zo’n gebiedsverbod toch niet mogelijk geweest. Een gebiedsverbod is ‘zo’n verregaande inbreuk op de grondrechten’ dat het niet langer mag duren dan strikt noodzakelijk. Ook het gebied waarvoor de beperking geldt, moet zo beperkt mogelijk worden gehouden. Het Utrechtse verbod voor onbepaalde tijd voor het gehele grondgebied schond beide wettelijke normen.

Als de rechter dit verbod zou goedkeuren, kan iedere gemeente hem feitelijk tot ‘ongewenst persoon’ verklaren. „Ook een veroordeelde pedoseksueel [...] zal zich ergens moeten kunnen vestigen”. Het steeds verjagen van pedoseksuelen zou de risico’s vooral groter maken.