Gevarentoeslag voor motregen in Brussel?

In Brussel, dat weet iedereen, wordt de boel wel eens opgelicht. En anders wordt er wel met geld gesmeten. Denk aan de parlementariërs die de aanwezigheidspremie opstreken maar niet vergaderden, en de commissaris die haar tandarts bevoordeelde. En dan is er nog altijd de verkwisting van twee vergadersteden voor het EP.

Er zijn weinig zaken zo schadelijk geweest voor het imago van de Europese Unie als de schandalen en schandaaltjes over verspilling en zakkenvullers. Het was ammunitie voor elke euroscepticus, gratis aan huis bezorgd en uiterst effectief. De kritiek was terecht, Europa beloofde beterschap.

Gezien die historie is geld en Brussel een heikele combinatie. Nu liggen de lidstaten overhoop over de salarissen van de naar schatting 50.000 ambtenaren. Gisteren vergaderden de diplomaten over een salarisverhoging van 3,7 procent. Ze kwamen er niet uit.

De Commissie vindt 3,7 procent alleszins redelijk. Zelfs mét de verhoging, zegt ze, gaat de koopkracht van de ambtenaren al sinds 2004 met 1,7 procent achteruit. De verhoging is bovendien de uitkomst van een rekenmethode die is goedgekeurd door de lidstaten.

Het statuut is interessante lectuur – zeker voor wie op een zwak moment wel eens wordt bevangen door afgunst. De salarissen van EU-ambtenaren kunnen oplopen tot 16.000 euro per maand en liggen gemiddeld beduidend hoger dan de salarissen van Nederlandse ambtenaren. En dan zijn er de toeslagen: 149,90 euro (bruto) plus 2 procent van het basisinkomen voor het huishouden, 326,44 euro kindergeld, 221,50 euro bijdrage aan de kosten van onderwijs voor kinderen tussen de 5 en 26 jaar,80 euro per maand voor de kleintjes en 442,78 euro buitenlandtoeslag.

Het is uit pr-oogpunt niet slim om publieke salarissen te verhogen in een crisis. Het is ook niet slim gezien het gebutste imago van de EU op dit gebied. Het gaat bovendien om goedbetaalde en veilige banen.

De salarisverhoging zelf is niet het echte probleem. Het probleem is dat het ambtenarenstatuut wedijvert met de statuten van internationale organisaties. Maar ‘Brussel’ is geen exotische bestemming. Europa is inmiddels zo gewoon dat het ook door gewone ambtenaren bestuurd kan worden. Een gevarentoeslag voor de Belgische motregen is uit de tijd.

Michel Kerres