Premier erkent dat zijn naam viel

Premier Balkenende blijft tegenspreken dat er actief is gelobbyd om hem naar voren te schuiven als eerste president van de Europese Unie. Maar hij ontkent niet dat in het diplomatieke circuit zijn naam is genoemd. Hij zei dit gisteren in de Tweede Kamer tijdens een debat over de Europese Unie.

Daarbij kwam de Kamer terug op de gang van zaken rondom de benoeming van de vaste voorzitter van de Europese Raad. „Er is over namen gesproken, maar dat is geen lobbyen.” In Nederland werd de afgelopen weken volop gesproken over de kans dat Balkenende voortijdig naar Brussel zou vertrekken. Zelf wimpelde hij suggesties in deze richting altijd af. Het was „flauwekul”, hij was geen kandidaat en hij was niet benaderd.

Ondertussen bleven de verhalen aanhouden dat in Brussel en vanuit Den Haag via Europese hoofdsteden wel degelijk werd gewerkt aan het onder de aandacht brengen van Balkenende voor de nieuwe functie die uiteindelijk naar de Belg Herman Van Rompuy ging. Tegelijk ontweek Balkenende steevast de vraag of het feit dat hij geen kandidaat was ook betekende dat hij niet beschikbaar was.

De Poolse ambassadeur bij de Europese Unie in Brussel had het begin vorige maand over een „campagne” die medewerkers van Balkenende zouden voeren. Vanuit Estland werden telefoontjes uit Den Haag gemeld. Voorts waren er nog diverse Europese diplomaten en functionarissen in Brussel die activiteiten ten faveure van Balkenende hadden waargenomen.

D66-leider Alexander Pechtold eiste gisteren in de Kamer helderheid van de premier. „Hebben Nederlandse ambtenaren de mogelijkheid voorgehouden aan de andere 26 lidstaten dat u misschien wel bereid zou zijn, indien u gevraagd zou worden als kandidaat”, vroeg hij. Balkenende: „In het diplomatieke verkeer wordt over namen gesproken, maar ik wil niet het beeld hebben dat er gelobbyd zou zijn.”