Extra's politietop 'niet uit te leggen' in deze tijd

Een aantal korpschefs krijgt flinke extra’s bovenop het salaris. Minister Ter Horst wil dit aanpakken. „Pietje heeft het, dus wil ik het ook.”

Miljoenenbezuinigingen die al dan niet ten koste gaan van ‘blauw op straat’. Het communicatiesysteem C2000 dat het op cruciale momenten laat afweten. En een omstreden bonnenquotum dat in Den Haag met veel bombarie is afgeschaft, maar door de korpsen nog altijd wordt gehanteerd.

Als het over de politie gaat, is het al gauw hommeles tussen de minister en Tweede Kamer. Afgelopen weekend ontstond opnieuw ophef na een uitzending van RTL Nieuws over de hoge vergoedingen die korpschefs en hun plaatsvervangers bovenop hun salaris ontvangen, onder meer voor piketdiensten en voor hun woningen. In sommige gevallen gaat het om tienduizenden euro’s. Enkele hoofdcommissarissen blijken ondanks hun representatietoelagen nog bonnetjes te hebben ingeleverd, onder meer voor haargel, etentjes en stomerijkosten.

In De Telegraaf van vanochtend kreeg de kwestie een vervolg in het artikel „Politiebaas als koning rondgereden”. Op de voorpagina berichtte de krant over Ad van Baal, de bestuursvoorzitter van de Politieacademie, die „wel heel excessief” gebruik zou maken van zijn dienstauto met chauffeur. De aanstelling van de oud-generaal was sowieso al omstreden, aangezien zijn salaris door zijn pensioen bij Defensie ver boven de Balkenendenorm uitkomt.

Kamerlid Attje Kuiken (PvdA) eist opheldering van minister Ter Horst (Binnenlandse Zaken, PvdA) over het verhaal. Dat is al de tweede keer binnen één etmaal, want gistermiddag vroeg zij de minister in het vragenuur nog om duidelijkheid over het declaratiegedrag van de politietop. Kuiken vindt, zoals vrijwel de hele Tweede Kamer, dat de vergoedingen en declaraties „niet in verhouding staan tot het salaris en de toelagen van de agenten op straat” en dat is „in deze financieel krappe tijden zeker niet uit te leggen”. CDA’er Coskun Çörüz noemt het gedrag van de politietop „zorgelijk en disproportioneel”, Naïma Azough (GroenLinks) vindt dat het gedrag getuigt van een „gebrek aan moreel kompas”.

Ter Horst benadrukte dat zij de „irritatie en boosheid” van de Kamer deelt. „Het is absoluut pijnlijk dat dit punt nu aan de orde is”, erkende zij. Net als afgelopen weekend uitte zij haar ongenoegen over het toekennen van „allerhande vergoedingen bovenop toch al niet slechte salarissen”. Tegelijkertijd constateerde de bewindsvrouw dat er op dit moment te ruime mogelijkheden zijn om dergelijke toelagen aan de politietop toe te kennen. De regelingen daarvoor zijn te divers, zei de minister: het systeem drijft zichzelf op. „Een korpschef die hoort dat een andere korpschef een regeling heeft, zegt tegen zijn korpsbeheerder: Pietje heeft het, dus ik wil het ook. Daar moeten wij vanaf.”

Om die reden is Ter Horst op dit moment samen met de korpsbeheerders – de burgemeesters van de centrumgemeenten van politieregio’s – bezig met de ontwikkeling van een nieuwe beloningsstructuur. Kern daarvan is dat voor de politietop dezelfde regels moeten gelden als voor topambtenaren bij het Rijk, zowel wat het maximumsalaris betreft als de toelagen en incidentele beloningen. De nieuwe regels moeten simpel zijn en zorgen voor eenduidigheid, zegt Ter Horst. „Een aantal zaken dat nu wel gebeurt, is dan niet meer mogelijk.”

Vooralsnog is het onduidelijk of de korpschefs daadwerkelijk regels hebben overtreden, zei de minister gisteren. Dat wordt nagegaan. Als blijkt dat het zo is, worden „passende maatregelen” getroffen. Sowieso moeten gedeclareerde kosten worden terugbetaald, benadrukte Ter Horst. Of nog verdere maatregelen worden genomen is afhankelijk van de regel die zou zijn overtreden.

De nieuwe beloningsregels voor de politietop gaan wat de minister betreft ook gelden voor de huidige korpschefs. In januari overlegt Ter Horst met de korpsbeheerders.

Voor een deel van de Kamer duurt dat te lang. Daarom volgt er nog voor het einde van het jaar een spoedoverleg.