Celstraf voor gegijzelde Zwitsers

Twee Zwitserse zakenlieden die sinds juli 2008 Libië niet uit mogen, zijn nu door een Libische rechtbank tot 16 maanden gevangenisstraf veroordeeld wegens problemen met hun verblijfsvergunning. Ze moeten later nog voorkomen in verband met andere beschuldigingen.

Het uitreisverbod tegen de mannen wordt gezien als een van de vergeldingsmaatregelen voor de aanhouding in een hotel in Genève van Hannibal Gaddafi, een zoon van de Libische leider Moammar Gaddafi, en zijn vrouw wegens mishandeling van huispersoneel, enkele dagen eerder. Het is niet duidelijk of het besluit van de Zwitserse bevolking in een referendum om de bouw van minaretten te verbieden, in de Libische gerechtelijke uitspraak meespeelt. In de islamitische wereld heerst veel ongenoegen over dat besluit.

De Gaddafi’s werden indertijd snel weer vrijgelaten en de klachten tegen hen ingetrokken. De Zwitserse president, Hans-Rudolf Merz, reisde afgelopen zomer naar Tripoli om de nationale excuses te maken en een akkoord te ondertekenen om de relaties te normaliseren. Toen de twee zakenlieden tegen de Zwitserse verwachtingen in niet vrijkwamen, schortte Bern dat akkoord weer op. Ook is vorige maand bekend geworden dat in verband met deze zaak Moammar Gaddafi niet voor het prestigieuze Wereld Economisch Forum in Davos is uitgenodigd.

De twee Zwitsers, Max Göldi en Rachid Hamdami, zaten na hun aanhouding op 19 juli 2008 tien dagen vast, maar verbleven daarna in de Zwitserse ambassade in Tripoli. Nadat ze half september voor een medische test door de Libische autoriteiten waren ontboden, waren ze anderhalve maand zoek. Begin vorige maand doken ze weer op. Het proces tegen hen is bij verstek gevoerd, (AFP, AP, Reuters)