Het geefmoment

Begin december: de kans is groot dat je deze week ergens een inpakroutine ondergaat zoals in Love Actually. In die film speelt Alan Rickman een getrouwde man die even snel een kerstcadeautje voor zijn flirterige secretaresse probeert te kopen, terwijl zijn vrouw elders in het warenhuis rondloopt. Maar verkoper Rowan Atkinson heeft weinig haast. Die legt het collier dat Rickman uitkiest eerst in een doosje, doet daar een strik omheen en plaatst dan het doosje in een doorzichtige plastic zak. Geen gewoon zakje – „Oh no sir, this is so much more than a bag”. Atkinson schept er rozenknopjes en lavendel in en begint er allerlei kruiden boven fijn te wrijven. Nog voordat hij klaar is, komt Rickmans vrouw er natuurlijk alweer aan.

Het is een geweldige scène. En – life imitates art – sommige winkelmanagers hebben inderdaad het idee dat het inpakken in hun keten de perfectie uit die film moet benaderen. Natuurlijk kun je in deze tijd van het jaar kiezen tussen sinterklaaspapier, kerstpapier of ‘gewoon’ – dat is het begin, dan moet het aanbrengen van alle plooien en strikken nog beginnen. Ze maken er wat van. En ze verwachten dat jij er ook wat van maakt. Dit jaar voor het eerst gehoord, aan het eind van de inpakroutine: „Veel plezier met geven!”

Veel plezier met geven? Hoezo? Misschien ben ik ‘just a towering mass of lutheran midwestern guilt’, zoals David Letterman laatst over zichzelf zei toen hij net wat meer overspelig gedrag opbiechtte dan het kopen van een ketting voor een collega, maar als ik zoiets hoor denk ik eerst dat ik iets verkeerd doe. Hoezo, wat is er, moet ik soms meer een ceremonie van het geefmoment maken? Gééf ik wel goed?

En meteen daarna vind ik het een stomme uitspraak. Natuurlijk, die verkoopster moest het zeggen van haar baas, zal wel over vergaderd zijn. Maar ik vind ‘veel plezier met geven’ iets heel anders dan ‘fijne dag nog’. Alsof ik alleen iets geef om mijn eigen plezier! Terwijl ik daar nog helemaal niet aan had gedacht! Waar bemoei je je mee!

En dan is the joy of giving er weer af.

Ellen de Bruin